Ben jij soms ook zo jaloers op je vriendin die haar vakantie- of kerstkilo's moeiteloos weg schijnt te werken, terwijl het jou maar niet lijkt te lukken. Dan wil je dit vast even lezen.

'Slanke mensen hebben makkelijk praten', zei hoogleraar Liesbeth van Rossum, in NRC. Genen, leefstijl, hormonen, stress, slaap, medicijngebruik, je omgeving – het zijn allemaal factoren die kunnen maken dat je te dik wordt en moeilijk gewicht verliest. 'Soms moet je wel aan tien knoppen draaien. En als je twee belangrijke over het hoofd ziet, lukt het niet.' Grote vraag is: waarom valt de een makkelijker af dan de ander? 

Kom aan!

Van Rossum schreef er samen met Mariëtte Boon het boek Vet Belangrijk over, waarin ze een en ander verklaart. Niet zo vrolijk word je bijvoorbeeld van het feit dat het voor dikke mensen die zijn afgevallen moeilijker is om op gewicht te blijven dan voor mensen die al slank zijn. 'Als je obesitas hebt gehad, zijn hormonen die honger en verzadiging regelen (ghreline en leptine) vaak voor langere tijd verstoord. Je hele programmering roept: kom aan!” Al die lege vetcellen willen gevuld worden. Een dik kind heeft het daarom als volwassene ook extra lastig: de vetcellen die je als kind aanmaakt, raak je nooit meer kwijt.' 

Article continues after the ad

Topsport

Als je net zoveel eet als je vriendin, kom je toch ook evenveel aan zou je denken, maar dat is dus niet waar. Om dat te illustreren vertelt van Rossum over het Amerikaanse programma The Biggest Loser. Daarin staan deelnemers na 30 weken op de rode loper omdat ze bijna 60 kilo zijn afgevallen. Na 6 jaar, blijkt uit Amerikaans onderzoek, zijn ze niet alleen gemiddeld 41 kilo zwaarder geworden, ze verbranden in rust ook nog 704 kilocalorieën minder dan normaal. 'Om niet aan te komen, moeten zij veel minder eten dan iemand van hetzelfde gewicht die nooit obesitas had. Wie het lagere gewicht behield, wandelde elke dag 80 minuten of liep 35 minuten hard. Slank blijven als je ooit obesitas had, is topsport.'

Niet streng

Gezond afvallen doe je in elk geval niet met een streng laagcalorisch dieet. Hard van stapel lopen en jezelf van alles ontzeggen houd je meestal niet vol. Mensen die het niet volhouden, zitten vaak vast in dieetdenken, waardoor ze steeds bezig zijn met de gedachte 'ik mag niet(s) meer'. Je leefstijl veranderen gaat om gezonde keuzes maken, jezelf belonen met wat goed voor je is en je niet schuldig voelen als je een keer iets lekkers eet. 

Eetpatroon

Kijk wat bij je past. Dat is vaak een eetpatroon met minder koolhydraten (brood, aardappelen, pasta, etc.), toegevoegde suikers en bewerkte producten Daardoor vlakken de insulinepieken af en nemen je hongergevoel en vetopslag af. Minder koolhydraten eten en verzadiging halen uit vet en eiwit is meestal goed vol te houden, hoewel onderzoek laat zien dat je van minder verzadigd vet óók afvalt.

Het simpelste advies

Kies onbewerkte producten. Groente, fruit, peulvruchten, ongezouten noten, volkorenproducten, zuivel zonder suiker, water. Als je zoveel mogelijk onbewerkte producten kiest, dan eet je automatisch minder.

Lange adem

Gezond afvallen is een kwestie van de lange adem. In het begin kan het snel gaan, soms wel anderhalve kilo per week, maar na een aantal maanden vlakt dat af naar een halve kilo of minder. Volgens Van Rossum komen de kilo's er na een jaar vaak weer aan, pas na anderhalf, twee jaar kun je zien of het heeft gewerkt. 

Verkeerd inschatten

Snap je er niks van, eet je nog steeds gezond en kom je toch weer aan? Houd dan eens een eetdagboek bij, goede kans dat je verkeerd inschat wat, waneer en hoeveel je eet. Bijhouden wat je eet en daar patronen in ontdekken kan helpen om bewuster te kiezen. Kennis over voeding, etiketten lezen, is een ander ding: bestudeer de voedingswaarden op de verpakking. Let vooral op koolhydraten (waarvan suikers), vezels en zout. 

Moeilijk nee zeggen

Lekkere trek kan in het begin van een nieuw eetpatroon gekmakend zijn. 'De mens is een gewoontedier”, zegt Van Rossum. „Als je vanaf nu elke dag om drie uur een stroopwafel neemt, is dat op dag vijf om drie uur een behoefte van het lichaam: dat maakt insuline en andere stoffen aan waarvan je trek krijgt.' Soms is cognitieve gedragstherapie nodig om gewoontes te doorbreken. De hunkering dooft uit als de hersenen zich aanpassen. 'Vervang het koekje bij de koffie door een wandeling. Dat voelt in het begin als een opgave, maar op den duur wordt het een gewoonte.' En je hoeft niet alles op te geven. Als de dagelijkse basis gezond is, heb je ruimte om van de uitzondering te genieten.'

Bron: NRC

Beeld: iStock

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in