Elke maand vraagt Nouveau een inspirerende vrouw naar haar favorieten. Deze maand is dat zangeres Wende Snijders (39). Zijn start steeds weer nieuwe, verrassende projecten en samenwerkingen, zoals met componist Michel van der Aa, van wie ze een liedcyclus zingt.

Bezig met

‘MENS, het is een omvangrijk project, maar eigenlijk zijn al mijn programma’s dat. De cd ligt nu in de winkel en na de shows in Carré ga ik me voorbereiden op festivals als Down The Rabbit Hole en Into The Great Wide Open. In het najaar begint de MENS-clubtoer. ’

Verheugt zich op

‘Mijn eigen festival in Carré komend najaar, ik ben dan huiskunstenaar in het kader van MENS. Verder sta ik – ook in het najaar – in de Zeven Doodzonden met het Concert-gebouworkest.’

Guilty Pleasure

‘Parfum! Ik ben de Imelda Marcos van de geurtjes. Zelfs als ik ga slapen, wil ik altijd een bepaalde geur op en aan elk project waaraan ik werk, is altijd een speciale geur verbonden.

Bij MENS is het Odin nummer 6. Voor de theatershows van MENS is het Citrus Esther. En mijn all time favourite is Nomenclature van Prada.’

Droom

‘Ik lééf dit jaar in een soort droom. Alles wat ik aan diversiteit te bieden heb, komt bij elkaar. Verder vind ik het nog steeds een droom om  met een eigen show het podium op gaan.

Ik wil de lat steeds een stukje hoger leggen en dat wil ik het liefst mijn leven lang blijven doen. En waarom niet? Kijk naar Jenny Arean of Nick Cave die zijn toch ook nog volop aan het werk.’

Uiterlijk

‘Als ik nog in de fase van het creëren ben, doe ik niet zo veel aan mijn uiterlijk, maar ik vind het heel leuk om me mooi aan te kleden. Ik hou ook ontzettend van mode, van de creativiteit die daarin zit.

Daarom kan ik ook zo genieten van de paradijsvogels die je soms op straat ziet lopen, maar ook van mensen die zich mooi uitdossen voor een première. Als mijn moeder zich mooi heeft aangekleed, kan dat me echt ontroeren.

Het is fijn als mensen er mooi verzorgd uitzien, niet omdat ze bevestiging zoeken, maar omdat ze het leven willen versieren.’ 

Inspiratie & bewondering

‘Dingen die met liefde gemaakt worden, inspireren me. Of het nou kunst is of mode, het is de gedrevenheid erachter die me raakt. Ik vind bijvoorbeeld Stromae fantastisch.

Heel jammer dat hij niet meer optreedt. Ik bewonder ook zeer de choreografieën van Ohad Naharin en de mode van Iris van Herpen ontroert me.’

Zin in

‘Het Holland Festival en de nieuwe voorstelling van FC Bergman, dat gezelschap vind ik echt geweldig.’’

Kledingstijl 

‘Je zult mij niet snel zien lopen met strikken en tierlantijnen. Je zult mij ook eerder in een pak of broek zien dan in een jurk.

Mooi  vind ik de ontwerpen van Dries Van Noten, Raf Simons, Olivier Theyskens, maar ik koop ook graag vintage bij Salon Heleen Hülsmann en soms zie ik leuke dingen van Laundry Industry…’

Eten

‘Ik ben dol op kip en sinds ik een maand in India ben geweest, ook op Indiaas. Zelf koken doe ik niet zo vaak, ik hou aanmerkelijk meer van eten dan van koken.

Mijn favoriete restaurants zijn Toscanini en Breda.’

Passie

‘Voor dat gekke ding dat ‘leven’ is; de chaos, de emoties… Het fascineert me enorm. Ook de verhalen over hoe mensen hun leven leiden of hebben geleid.

Wat is er wel gelukt en wat niet, wat waren hun dromen en angsten? Daar poëzie en muziek van maken is mijn passie. En een plek regelen waar mensen uit hun daagse routine kunnen stappen in die magische wereld van het concert.’

Reizen

‘Het continent Afrika trekt me erg sinds ik in  Kenia ben geweest. In het kader van mijn project MENS, waarin het draait om vragen als “wie ben ik?”, “waar ben ik geworteld?”, ben ik me gaan afvragen waar mijn eigen wortels liggen en dat blijkt in Amsterdam te zijn.’ 

Lezen 

‘Ik ben een echte lezer en lees verschillende boeken door elkaar heen. Nu We Were Eight Years in Power van Ta-Nehisi Coates, Mythos van Stephen Fry, Negroland: A Memoir van Margot Jefferson (4) en The Ministry of Utmost  Happiness van Arundhati Roy.’

Meer informatie over MENS van Wende? Klik hier 

Beeld: ANP

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

 

In haar zelfgebreide pak voelde Hella de Jonge zich behoorlijk opgelaten op dat verlovingsfeestje in 1969. Maar alles veranderde toen Freek binnenliep. Liefde op het eerste gezicht. ‘Dat was ook het beste, want Hella bracht een gecompliceerde achtergrond mee.’

Hella – de liefde voor Freek

"De eerste keer dat ik Freek zag, was in 1969. Ik ging veel naar het theater en had gehoord over Neerlands Hoop In Bange Dagen: een ontzettend leuke groep, daar móést je naartoe. Ze stonden met hun eerste professionele voorstelling in Delft.

Ik ben daar gaan kijken en zou met theaterproducent Nico Knapper terugrijden naar Amsterdam. Na afloop kwam Freek bij ons groepje staan; hij nam Nico’s creatieve ontmoetingsplaats de Werkwinkel op de korrel.

De manier waarop hij stond te schelden, was zó geestig, dat ik stiekem vreselijk moest lachen. Een week later ging ik mee met een vriend die was uitgenodigd op het verlovingsfeest van Bram Vermeulen in Wassenaar.

Ik zat op de Rietveld Academie en droeg een zelfgebreid pak, waarin ik me eerst nogal opgelaten voelde tussen alle keurige mensen. Maar alles veranderde zodra Freek binnenstapte. We keken elkaar in de ogen en het was gebeurd: liefde op het eerste gezicht, echt waar.

Samen verdwenen we naar de kelder van het huis, waar een comfortabele bank stond. Die avond bracht Freek me naar huis en bij de voordeur vroeg ik: “Vind je het leuk om mijn kamer te zien?” Toen is hij blijven slapen.

Ik had nooit eerder iemand meegenomen die ik net had ontmoet, maar ik dacht gewoon: dit is mijn man.

Na 49 jaar vind ik Freek nog steeds geestig. De lichtheid en de lol die we in het begin hadden, ben ik blijven koesteren."

Freek – de liefde voor Hella

"Die eerste keer in Delft heb ik Hella niet gezien, maar een week later in Wassenaar des te beter. We verdwenen al snel naar de kelder en ik kan me niet herinneren dat ik verder nog iets van Brams verloving heb meegemaakt.

Op de bank in die kelder gingen we tamelijk voortvarend aan de slag, mag ik wel zeggen. Men noemt het liefde op het eerste gezicht. Dat is denk ik ook het beste, want Hella bracht een gecompliceerde achtergrond mee, waar ik niets van begreep toen ik er later mee werd geconfronteerd.

Maar aanvankelijk vond ik haar vooral prachtig. Dat ze heel erg om mij moest lachen, was ook plezierig. En ze had een openheid en een authenticiteit die mij enorm amuseerden, dus het ging allemaal razendsnel.

Hella paste niet direct in het groepje waarin ik verkeerde. De dingen die wij op dat moment belangrijk vonden, zoals muziek en politiek, zeiden haar niet zo veel. Ze had haar eigen artistieke omgeving en dus ook die psychische bagage.

Voor mij was dat volkomen nieuw, dat je uit een gezin kwam waar spanning was en mensen elkaar meer dwars zaten dan hielpen. Ik stond aan het begin van Neerlands Hoop, was bezig met mijn carrière, had verantwoordelijkheden naar mijn vrienden.

En ik had een vriendin die ernstig beschadigd was. Ineens kwam er dus nogal wat op me af.

Het lag voor de hand dat ik zou afhaken, omdat het me te ingewikkeld werd. Maar dat is niet gebeurd.

Dat is het grootste wonder: dat we samen door die pijn heen zijn gegaan."

Benieuwd naar het verdere gesprek en bijzondere openbaringen? Freek en Hella zijn enorm openhartig over hun relatie in het dubbelgesprek in Nouveau 7-2018: Nu in de winkel.

Met verder ook nog heel veel zomerse inspiratie op mode-gebied. De leukste adresjes van de locals in Parijs en St. Tropez (daar deelde Monique de Bouvrie bijvoorbeeld haar favoriete stekken). Zonnige interieurs.

Iconisch dansduo Alexandra Radius en Hans Ebbelaar gaan in gesprek met Maria Goos en we duiken nog een keer in de hormoondiscussie.

Fotografie: Sacha de Boer

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

Hedy d’Ancona, wát een vrouw en wát een energie. Deze ex-politica en feministe van het eerste uur zien en spreken is een vreugde. Overal heeft ze een afgewogen mening over en haar agenda staat nog steeds vol.

14 juni 2018 gaat Hedy d'Ancona in gesprek met Barbara van Beukering tijdens de Nouveau Matinee. Wil je daarbij zijn? Klik hier

Vorig jaar sprak Maria Goos met Hedy over haar jeugd, liefdes, minnaars en levenslessen:

We hebben afgesproken in De Plantage (bij Artis, Amsterdam, red.) om één uur. Om kwart over een komt ze het restaurant binnengestormd.

Nog voor we elkaar kunnen begroeten roept ze: “Jij had iets gezegd over lekkere soep en toen heb ik dat geassocieerd met de Hortus! En daar hangt zo’n streng bordje dat je niet mag telefoneren, dus ik bleef braaf op je wachten tot ik doorkreeg dat ik in het foute etablissement zat.”

Als we aan ons tafeltje zitten kan ze er nog niet over uit, dat ze zich vergist heeft. “Ik heb zo een hekel aan te laat komen en ik kom zo ontzettend vaak te laat! En nu had ik eerst nog iets heel zelfverzekerds dat ik ’s een keer de eerste was.”

Je hebt al je hele leven een intense bewondering voor allerlei vormen van kunst. Waar is dat begonnen? “Ik heb altijd het gevoel gehad dat het er moet zijn, ook al zit niemand erom te springen.

Je moet mensen er mee in aanraking brengen omdat het je inlevingsvermogen vergroot en daar word je een leuker en beter mens van. En degene die het maken, zijn zo leuk!

Ik doe alleen maar dingen die in mijn agenda staan en dat is best veel, maar die kunstenaars, of het nou schrijvers of dansers of beeldend kunstenaars zijn, daar staat het niet bij in een agenda en ze doen het toch. Ze kunnen het niet laten, ook al vraagt niemand erom. Dat is zo mooi.”

Wat staat er allemaal in jouw agenda? “Ja, waarom doe ik het allemaal, hè? Terwijl ik al zo oud ben. Ik heb het heel druk met de dingen doen die ik kan. Ik kan mensen enthousiasmeren. Ik kan goed praten, dat is een talent, maar mijn praten gaat altijd in opdracht.

Ik doe openingen van exposities, schrijf intro’s op boeken, ik zit in een paar besturen en ik doe dagvoorzitterschappen. Ik doe de meeste dingen uit nieuwsgierigheid en als mensen een halfjaar van tevoren me voor iets vragen dan zeg ik altijd ja omdat ik denk: het is pas voor over een halfjaar, ik kan dan al wel dood zijn, dus wat maakt het uit.”

Je hebt op je 79ste nog heel veel energie en ziet er fantastisch uit. Hoe doe je dat? “Ik heb in mijn jeugd als een gek gesport terwijl ik nergens goed in was. Ik kon geen bal vangen. Maar ik heb mijn hele schooltijd elf kilometer van en naar school gefietst.

Ik heb misschien gewoon geluk, of misschien heeft al dat bewegen me toch een goede conditie gegeven, ik weet het niet. En ik fiets elke dag nog naar het huis van Aatje Veldhoen.”

Je hebt nu al járen verkering met Aatje toch? “Ja. We zijn nu langer met elkaar dan we daarvoor ooit met iemand zijn geweest.

Aatje heeft drie huwelijken versleten en misschien ook nog wel wat tussendoor – dat zal wel – en ik één huwelijk, en serieuze jarenlange relaties tijdens en na mijn huwelijk. Op 5 mei waren wij twintig jaar samen. Het is niet te geloven.”

Maar jullie hebben wel elk een eigen huis? “Ja, dat is heel belangrijk. Sinds mijn 42ste woon ik niet meer samen met een man. Het is toch ook heerlijk om een autonoom leven te hebben?

Aatje had altijd een vrouw in huis. Dit, zoals ik het nu doe, vindt hij geen normale situatie, maar hij schikt zich erin. Wij zijn oude mensen die verliefd zijn geworden. Daar steek ik veel van op hoor, dat ik ook weleens denk: dat zou ik op moeten schrijven.”

Wat dan? “Nou, dat je kiest waarvan je een punt maakt. Ik denk nu heel vaak: is dit het mij waard om een punt van te maken met geschreeuw en mijnerzijds machteloze tranen. Nee, dat doe ik vaak gewoon niet meer. Ik heb geen enkele illusie meer dat ik iemand kan veranderen of redden.

Hij is goed in verliefdheid. Hij gaat elke week naar de bloemenstal om een roos te halen en hij blijft goed opletten. Ik heb vaak te weinig belangstelling, echte belangstelling voor de ander getoond. Dat doe ik nu pas beter. Ik heb het nu ook nog druk, maar ik maak er tijd voor.”

Had je dat eerder willen weten? “Ja, ik denk wel dat je veel meer moet doen aan onderhoud van een relatie dan je denkt. Maar ja, dan heb je kinderen, dat is een onderneming die geleid moet worden.

Ik had natuurlijk ook wel vaak mannen die goed waren in de initiële verliefdheid en dat wordt dan vaak een voortkabbelend iets.”

De serveerster zet een glas Tourraine voor Hedy neer. Hedy kijkt de serveerster allerliefst aan. Ik vraag aan Hedy of ze de wijn heeft besteld. “Nee,” zegt ze, “maar ik vind dat helemaal niet erg, heerlijk.”

Hoe zien jouw dagen eruit? “Om een uur of negen, halftien, gaan Aatje en ik ontbijten. Dan ga ik zijn huis een beetje opruimen, de was doen, boodschappen doen, van die dingen.

Om 12 uur fiets ik naar mijn eigen huis, ga ik daar een uurtje tutten met bloemetjes, en telefoneren, dan ga ik ’s middags aan het werk en ’s avonds om halfacht fiets ik weer terug naar Aatje. Dan kook ik en eten we, zijn de hele avond en nacht samen en dan vertrek ik weer.”

Je bent bijna zestig jaar lid van de PvdA. Hoe kijk je tegen dat enorme verlies aan? “Het kan weleens voorkomen dat een partij er nog wel is, maar dat het soort mensen voor wie de partij is bedoeld, niet meer bestaat.

Je kunt nu met je linkse ideeën ook bij GroenLinks terecht of bij de Partij voor de Dieren. Ik ben nog steeds lid van de PvdA maar het is geen gezellige partij. Het is intern een competitieve partij. Vroeger was het altijd al streng met weinig camaraderie.

Ik had een minnaar, Ed van Thijn, vijf jaar lang, die was fractievoorzitter van de partij, dus ik zat er middenin, maar echte vrienden heb ik er niet aan overgehouden.

En wat me echt heeft teleurgesteld, is dat bij deze verkiezingen niemand het van de partij opgenomen heeft voor de cultuur die door Zijlstra zo is uitgekleed.”

Wat vind jij van de vrouwen van nu? “Het feminisme is voor veel vrouwen een levenshouding geworden, terwijl ze het zelf niet zo benoemen. Eigenlijk meer dan in mijn generatie hebben deze vrouwen een vriendinnendom.

Toen ik jong was, was het nogal trendy om te zeggen dat je het met mannen beter kon vinden dan met vrouwen. Dat zeggen ze niet meer. Dat merk ik. Ze besteden ook veel tijd aan het vriendinnenschap, dat deed ik niet.

Het ontdekken dat andere vrouwen je bondgenoten zijn, dat is ook feminisme. Wij predikten het wel, maar het werd nog niet zo algemeen toegepast.”

Jij bent een van de weinige mensen die ik ken die tevreden is met zichzelf. Heb je dat je hele leven gehad? “Hadassah, mijn dochter, die dicht bij me staat maar ook heel kritisch kan zijn, zegt dat ik altijd wel optimistisch en erg vrolijk ben. Bij mij is het glas altijd halfvol.

Dat komt niet omdat ik fundamenteel zo’n lachebekje ben, maar omdat ik altijd denk, vanaf mijn veertiende, dat het lot kan toeslaan en dat je in de diepste ellende gedompeld kan worden, dus dat je wel bijna de plicht hebt om ervan te genieten en niet te gaan zeuren en zeiken zolang die ellende er níét is. Het is gekoppeld aan een besef dat het zo heel erg kan zijn.”

Dat besef was er bij jou al heel vroeg. Hoe kwam dat? “Mijn moeder had een ingewikkelde relatie met mijn vader. Die relatie was getekend door het begin van de oorlog.

Hij was Joods en helemaal niet gelovig, eerder een afvallige, maar hij kwam uit een heel religieus milieu waar hij zich los van had gemaakt. Door de beperkende maatregelen die Joden werden opgelegd, ging mijn vader zich steeds meer Joods voelen.

Zijn ouders, vooral zijn moeder maakte er echt werk van dat hij zou gaan trouwen met een Joodse vrouw. Op een dag vond mijn moeder een briefje in mijn vaders jas; een advertentie waarin hij een Joodse vrouw zocht. Mijn moeder is toen gelijk met mij vertrokken. Ze was zo tot op het bot gekwetst.

Ze was geen intellectueel zoals mijn vader en heel jong, 21, toen dit gebeurde. Mijn vader was een stuk ouder. Nou, mijn vader is toen inderdaad met een Joodse vrouw getrouwd en is met die vrouw naar Amerika vertrokken, wat heel verstandig was.

Hij kreeg een kind met die vrouw, en toen dat kind een jaar was, was hij nog zo verliefd op mijn moeder dat hij in het begin van de oorlog met die vrouw en dat kind teruggegaan is naar Nederland. De relatie met mijn moeder is weer aangeknoopt, maar deze keer als een geheime relatie.

En daar kan ik me iets bij voorstellen, bij geheime relaties.

Het hele gezin van mijn vader is toen opgepakt. Mijn halfzusje en haar moeder zijn in Auschwitz meteen vergast. Mijn vader is op 7 februari 1945, terugkomend uit het kamp, op een open veewagen, aan een longontsteking gestorven.” 

Hoe verging het jouw moeder daarna? “Toen mijn moeder zeker wist dat mijn vader dood was – ik was zeven jaar –, was ze inmiddels filiaalhoudster van een grote banketbakkerij in Den Haag.

Ze is toen verliefd geworden op een weduwnaar met drie kleine kinderen. Ze heeft een kind van hem gekregen en ze waren erg gelukkig samen. Toen ik veertien was, waren ze samen een avond uit, terwijl ik op de vier kleinere kinderen paste.

Op die avond is mijn tweede vader in de armen van mijn moeder gestorven. Dus mijn moeder was voor de tweede keer weduwe. Ze heeft haar hele leven gewerkt en heeft die vijf kinderen alleen opgevoed.”

Herken je die mentaliteit van je moeder? “Ze was wel een heel vrolijk ingestelde vrouw. Nooit zeuren, nooit klagen. Dat heb ik inderdaad van haar. Ze trok mensen heel erg naar zich toe.

Ik had een hele hechte band met mijn moeder maar ze irriteerde me ook wel omdat ze zo lijfelijk was met iedereen, ook met mensen die ze nauwelijks kende. Ze sloot iedereen letterlijk in haar armen.

Ze is doodgegaan op haar 65ste aan kanker. En van die vijf kinderen is de jongste, mijn halfbroertje, doodgegaan aan een hartaanval op zijn 39ste. Dus er zijn wel dingen gebeurd waardoor ik weet dat het leven van de een op andere dag totaal anders zijn.”

Wat was de gelukkigste periode in je leven? “Ik denk weleens dat dat nu is. Die ouderdom heeft ook iets... ja, ik bedoel... alles onder voorbehoud dat je morgen je verstand niet verliest, maar onder dat voorbehoud is het ook wel logisch dat je gelukkig bent als je ouder wordt.

Je bent van een heleboel verantwoordelijkheden af. De jaren zestig en begin jaren zeventig, dat was wel een bijzondere tijd, je verdiende zelf je geld, je voerde actie, actie, actie.

Dat tijdsgewricht was erg leuk en stimulerend maar ik was toen zeker niet gelukkiger dan nu, want het leven was vaak zo ingewikkeld voor me met een man en een minnaar.”

Want je had minnaars? “Dat is niet iets waar ik trots op ben of wat ik over zou willen doen, het is absoluut niet aan te bevelen.”

Nee? “Nee, o nee. Zo’n verhouding die niet mag heeft alles in zich om eeuwig te duren. Het is spannend, romantisch, schuld en boete, en je hoeft nooit te vragen wie de bloemkool afgiet of de wasmachine laat repareren.

Het vuurtje kan eeuwig blijven branden want er komt geen sleur of gewoonte of vanzelfsprekendheid om de hoek kijken. Toen de verhouding uitkwam, ben ik officieel gescheiden.

En dat was afschuwelijk, om tegen de wil van de ander toch los te laten. Dat is een van de ergste dingen die ik meegemaakt heb, maar ik dacht daarna wel: nu ik dit heb gedurfd kan ik alles aan.

Na mijn scheiding had ik tien jaar een relatie. Toen heb ik zeven jaar niets met iemand gehad, en van die zeven jaar had ik er zeker zes waarin ik dacht: ik wil geen man meer. Ik heb mannen gehad vanaf mijn achttiende tot mijn 51ste. Het is wel genoeg.

Ik had in die tijd wel homoseksuele vrienden waar ik mee uitging, dat vond ik wel relaxed. De rust op dat gebied kwam mij ook wel goed uit want ik was in die tijd minister en had nauwelijks ergens anders tijd voor. Ja.

En ik dacht ook: het is weleens goed voor me dat dit mij nu overkomt. Dat ik de verlaten partij ben. Dat ik die kant van het verhaal ook leer kennen.

Maar na zeven jaar dacht ik: ik zou wel weer eens iemand willen die me aanraakt, ik dacht niet zo ernstig aan seks maar wel aan erotiek. Daar begon ik zin in te krijgen. Toen duurde het niet lang meer voor ik Aatje ontmoette.”

Ze kijkt me ondeugend aan. Alweer twintig jaar met hem. Ongelofelijk.

Ik kijk naar haar en denk: mag ik alsjeblieft oud worden zoals zij het doet? Mag dat? Ik hoop het met heel mijn hart.

Hedy in het kort

Sociologe en sociaal geografe Hedy (Den Haag, 1937) is natuurlijk vooral bekend door haar politieke loopbaan en haar betrokkenheid bij de feministische golf, bijvoorbeeld als medeoprichter van Opzij.

Ze – nog immer PvdA-lid – was onder meer Eerste Kamerlid, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. Ze was getrouwd met psychiater Guus de Boer met wie ze twee kinderen kreeg, en had relaties met Ed van Thijn en Berend Boudewijn.

De dochter van haar huidige relatie, kunstschilder Aatje Veldhoen, is getrouwd met haar zoon Hajo.

Sociologe en sociaal geografe Hedy (Den Haag, 1937) is natuurlijk vooral bekend door haar politieke loopbaan en haar betrokkenheid bij de feministische golf, bijvoorbeeld als medeoprichter van Opzij. Ze – nog immer PvdA-lid – was onder meer Eerste Kamerlid, staats­secretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. Ze was getrouwd met psychiater Guus de Boer met wie ze twee kinderen kreeg, en had relaties met Ed van Thijn en Berend Boudewijn. De dochter van haar huidige relatie, kunstschilder Aatje Veldhoen, is getrouwd met haar zoon Hajo.