• Psyche

Dít is het geheim van een lang en goed huwelijk

Dít is het geheim van een lang en goed huwelijk

'En ze leefden nog lang en gelukkig.' 

Regelmatig zie ik ze nog in onze plaatselijke krant: foto’s van oude echtparen, die vijftig of zelfs zestig jaar getrouwd zijn. Beiden in de zondagse kleren, corsage op de borst, en naast zich de burgemeester, compleet met ambtsketting, die hen komt feliciteren met deze heugelijke gebeurtenis. Het zijn opbeurende berichten tussen alle verhalen over vreselijke (v)echtscheidingen.  

In de begeleidende tekst bij die foto’s van oude echtparen beschrijft de journalist steevast hoe ze elkaar lang geleden hebben leren kennen op de zangvereniging, de ijsbaan, de kermis of in de kerk. Een van de vragen aan de echtelieden is altijd hoe ze het zo lang met elkaar hebben uitgehouden en niet zelden zeggen die dat de tijd is omgevlogen en dat ze nog net zo verliefd zijn als vroeger.

'Verliefdheid is een onbewust proces, dat ongeveer een jaar duurt'

Met excuses aan de jubilarissen in kwestie, maar dat laatste geloof ik niet. En daarin krijg ik gelijk van  neurobioloog en schrijver Dick Swaab (71 en 49 jaar getrouwd), die verliefdheid “een onbewust proces, dat ongeveer een jaar duurt” noemt. “In die tijd vliegen de stresshormonen ( cortisol) omhoog, waardoor de hersenschors geremd wordt en je dus een jaarlang niet verstandig kunt nadenken.”

Maar die verliefdheid gaat over, zegt hij, wat maar goed is, omdat er anders weinig zinnigs meer uit mensen zou komen. “Dat oude mensen na veertig of vijftig jaar huwelijk nog steeds verliefd op elkaar zouden zijn, is onzin. Als het goed is, voelen ze wel een band en dat is al heel mooi. Want de evolutie heeft er nooit rekening mee gehouden dat mensen, als de kinderen volwassen zijn, nog dertig jaar of langer leven en bij elkaar blijven. Vroeger werden mensen niet ouder dan 35 jaar, dus kwamen lange huwelijken helemaal niet voor.”

Er wordt veel gescheiden, maar nog veel meer bij elkaar gebleven

Dat is tegenwoordig anders, nu mensen steeds ouder worden en Nederland zelfs meer dan 2000 honderdjarigen telt. Langdurige huwelijken zijn helemaal geen uitzondering meer, hoewel je die indruk wel zou kunnen krijgen door alle aandacht in de media voor echtscheiding en de gevolgen daarvan. Weliswaar scheiden er in ons land per jaar zo’n 35.000 paren, na een gemiddelde huwelijksduur van bijna vijftien jaar, maar tegelijkertijd trouwen er zo’n 64.000. En zijn er maar liefst 59.000 koppels langer dan 25 jaar getrouwd, 64.000 meer dan veertig jaar, 44.000  meer dan vijftig jaar en bijna 10.000 meer dan zestig jaar. En dan zijn er nog 170 echtparen zeventig jaar of langer samen.             

Geluk of hard werken?

In haar boek Lang en gelukkig, waarvoor gezondheidswetenschapper Paulien Timmer (27,  anderhalf jaar getrouwd) honderd echtparen interviewde, draagt een hoofdstuk de titel:  ‘Hoe blijf je een leven lang verliefd?’. Vooral een trekkertje voor romantisch aangelegde lezers, want in het echte leven dus een onmogelijkheid.

'Het is meer een verbondenheid, dat je samen één bent'

Ook Timmer schrijft: “Het zou ongezond zijn levenslang verliefd te zijn, los van dat het onpraktisch is. Gelukkig voor ons eindigt die obsessieve verliefdheid zo’n zes maanden tot twee jaar nadat die begon.” Een van de geïnterviewde vrouwen in haar boek zegt hierover: “Als ik hem na 53 jaar samen, soms onverwacht zie staan of lopen, voel ik nog verliefdheid, alleen heel anders dan vroeger, dieper. Het is meer een verbondenheid, dat je samen één bent.”

Een lange relatie blijft niet vanzelf goed. Psychiater Carla Rus (62 en 33 jaar samen met haar man) zegt daarover: “Als verliefdheid over gaat in liefde en dat blijft zo, heb je geluk. Maar het is niet alleen geluk, je moet er soms hard voor werken. Blijven investeren in een relatie, heet dat.

Maar wat betekent dat ? Bij de een dat je de strijd moet aangaan om de relatie niet tussen je vingers te laten wegglippen en dus blijven praten, bij een ander juist dat hij of zij eens wat vaker zijn of haar mond moet houden. Meestal moet je de ander accepteren zoals die is, maar soms mag je best enige gedragsverandering van je partner vragen ten behoeve van jou en dat moet dan natuurlijk wel wederzijds zijn.

Een zekere mate van zelfreflectie hebben helpt in een lange relatie

Een verandering van karakter kan en mag je niet van je man of vrouw verwachten, wel kan er een beetje worden bijgeschaafd. Hiervoor is nodig dat de partners een zekere mate van zelfreflectie hebben en eerlijk naar zichzelf durven kijken. Als mensen bij elkaar blijven uit gewoonte of angst voor eenzaamheid, kan dat slecht, maar ook goed zijn.

Slecht, omdat ze zichzelf daardoor het avontuur ontzeggen, maar soms ook goed, omdat wisselen van relatie heel veel gedoe geeft. In een rustige relatie kan een mens vaak veel productiever en creatiever zijn in de buitenwereld. Kinderen kunnen als lijm in een relatie werken. Misschien kan dat als benauwend ervaren worden, maar ook hier weer : het kan ook goed zijn, want met kinderen heb je wel iets heel wezenlijks samen.”

Gespreksstof

En dan is er nog iets : het belang van een gezamenlijke geschiedenis. Carla Rus: “Als je lang bij elkaar bent heb je vaak aan een half woord genoeg om elkaar te begrijpen. Ik snap dan ook niks van mannen, die opeens met een dertig jaar jongere vrouw komen aanzetten. Begrijpt zo’n vrouw hoe en waarom hij geworden is, wie hij is ? Oké, de seks zal zeker de eerste tijd goed zijn, maar als dat na een jaar of wat afvlakt, wat blijft er dan over? Waar praat je aan tafel dan over met elkaar? Ze kent zijn muziek niet, weet niet wie Marilyn Monroe of Joop den Uyl waren of dat er ooit een Berlijnse Muur bestond. Dat is dus lastig converseren.”

'Te vroeg getrouwden zijn de mensen die na een paar jaar scheiden met als reden: we zijn uit elkaar gegroeid'

Verder is Carla Rus geen voorstander van te vroeg trouwen. “Jonge mensen kunnen beter eerst een tijdje experimenteren tot zij de partner vinden die het best bij hen past. In je jeugd moet je nog rijpen, waarbij je behoeften ingrijpend kunnen veranderen. Die te vroeg getrouwden zijn de mensen die na een paar jaar scheiden met als reden: we zijn uit elkaar gegroeid, wat dan ook echt gebeurd is.”

Ik vroeg aan mijn man (al bijna vijftig jaar met mij samen) wat volgens hem een goed recept is voor een lange relatie ? “Onafhankelijkheid en elkaar een eigen leven gunnen. En nooit zeuren over het fout inruimen van de vaatwasser of het opvouwen van de schone was.”   

‘Oude schoenen lopen lekkerder’

Emma (51, yogalerares ) en Rutger (53, advocaat) kennen elkaar al vanaf de brugklas van de middelbare school. Emma: “Ik sprong een gat in de lucht, toen wij in de vierde bij elkaar in de klas kwamen. Hij was een keer blijven zitten, vandaar. Ik heb toen een jaar lang erg achter hem aan gelopen, toen was het aan en het is nooit meer uit gegaan. Ons geheim om het samen goed te houden? We zijn altijd ons eigen ding blijven doen. We studeerden in een andere stad, hebben allebei een paar stages in het buitenland gelopen en zijn allebei blijven werken, tot de dag van vandaag. Ruim dertig jaar en vier kinderen verder hebben we het nog altijd leuk samen. We blijven dicht bij elkaar en zijn zo met elkaar vergroeid, dat we inmiddels elkaars ideale partner zijn geworden. Eerlijk is eerlijk: we zijn beiden geen grote avonturiers en niet op zoek naar spanning, nieuwe liefdes of meeslepend drama. Mijn motto is: nieuwe schoenen zijn mooier, maar oude lopen lekkerder. Daar moet je dus zuinig op zijn, ze heel vaak poetsen en op tijd laten oplappen.”

‘De hond heeft ons huwelijk gered’

Els Sterringa-de Haas (72, ex-secretaresse) en Jelle Sterringa ( 74, ex-directeur van een wegenbouwbedrijf) trouwden op 30 december 1964. Els: “We waren toen 20 en 22 jaar en kenden elkaar drie jaar. Mijn ouders, al met al ook meer dan zestig jaar getrouwd geweest, waren wel vooruitstrevend, maar geen voorstanders van ongetrouwd samenwonen, dus het werd een huwelijk, maar pas nadat ik mijn opleiding Schoevers had afgemaakt, want dat vonden ze heel belangrijk.

Jelle had inmiddels zijn HTS en de militaire dienst achter de rug. Ik werkte in die tijd als directiesecretaresse bij het onderzoeksbureau NIPO en Jelle bij de gemeente Amsterdam. Er brak een beroerde periode aan, toen ik de ene na de andere miskraam kreeg. Uiteindelijk hebben we twee jongens geadopteerd, een uit Suriname en een uit Holland.

Ik heb toen m’n baan opgezegd, want je beweegt niet hemel en aarde om een kind te mogen adopteren, waarna je dat kind in een crèche stopt. Op m’n veertigste werd het me toch te stil en te leeg, zonder baan. Jelle werkte keihard, zat vaak in het buitenland, dus ik zat veel alleen met de kinderen.

Rondom m’n veertigste leverde dat het gevoel op: Is that all there is? Had ik niet iets overgeslagen en zo ja: wat was dat dan? Het feit dat ik zelf geen kinderen had kunnen krijgen, heeft me lang een mislukt gevoel gegeven. Bovendien was ik ook nog eens een slechte huisvrouw, dus mijn zelfbeeld was in die tijd niet bijster hoog.

Toen ik weer als secretaresse aan het werk kon, voelde ik me direct een stuk beter. Rondom ons pensioen hebben we even een lastige tijd gehad. Jelle kwam op z’n 65-ste van de ene op de andere dag thuis, van een uithuizige man werd hij een bankzitter, die zich met van alles bemoeide. Dat zinde mij helemaal niet, want ik was inmiddels een vrij leven, met vriendinnen en eigen bezigheden gewend.

Van een kennis kregen we de raad: neem een hond. Een fantastische oplossing, want die hond was echt van Jelle. Inmiddels hebben we er twee, waarmee hij viermaal per dag wandelt, waardoor hij allemaal honden-vriendinnen heeft gekregen. Hij weet nu precies wat er allemaal in onze buurt gebeurt. We doen veel samen, zoals oppassen op de kleinkinderen, maar ook veel alleen. Ik zeg altijd: je moet elkaar vrij laten, maar ook samen zijn. En, eerlijk is eerlijk: de hond heeft ons huwelijk gered.”

Foto (c) Getty Images, Paulien Timmer, Lang en gelukkig, uitgeverij Prometeus

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in