Stine Jensen (44) schrijft in haar column over haar zoektocht naar wijsheid, liefde en geluk in de wereld van yoga en filosofie.

Ah, de lente! Ik zag het woord met sierlijke letters op het witte doek verschijnen en dat kon maar één ding betekenen: Sebastian (Ryan Gosling) en Mia (Emma Stone) uit La La Land zouden hartstochtelijk verliefd worden. De film was echter net begonnen en daarom hield ik mijn hart vast: na de lente komt de zomer, de herfst... De winter. Het zou vast niet eeuwig lente blijven. 

La La Land bleef me bezighouden. Het is een feel sad movie, omdat hij niet eindigt met een happily ever after, maar anderzijds ook een feel good movie, omdat de hoofdpersonen er vrede mee lijken te hebben. Andere dromen hebben ze wel vervuld, zoals werk waar ze een passie voor hebben - een mens moet keuzes maken. Maar ik dacht: vergeet toch die carrière, denk aan de liefde! Bij Aziatische films kun je je ten minste nog troosten met het cyclische denken; alles keert terug, winter, lente, zomer, herfst... En lente. In La La Land is het maar één keer lente. 

Lees ook
Soof 2 een echte aanrader

Om mezelf op te vrolijken, ging ik naar de film Soof 2. Die begint in de stromende regen, tijdens een overdrachtelijke winter: Soof (Lies Visschedijk) en Kasper (Fedja van Huêt) gaan scheiden. Dat zou natuurlijk de voorbode van een lente-einde kunnen zijn, waarbij ze elkaar toch weer in de armen 
vallen. Maar er blijkt een heuse trend gaande in filmland: the feel good divorce-film. Soof en Kasper blikken, net als Mia en Sebastian, terug en hebben er vrede mee dat het voorbij is. Tot verbazing van de kijker, die niets liever wil dan een hereniging van het koppel. Maar de mainstream cinema heeft, zo lijkt het, afscheid genomen van het romantische ideaal van die ene Ware, van het vieren van de eeuwige lente. Film lijkt nu meer op het echte leven en ik realiseerde me ineens, hoe lang films ook mij de romantische droom hebben voorgeschoteld. 

Soof viert vele kleine lentes; met ‘sekskabouter’ Jim, met een charmante kok met groot gevoel voor detail én er is het vooruitzicht van een langdurige lenteliefde als ze dierenarts Daan Schuurmans tijdens de zomer in Frankrijk tegen het lijf loopt. Maar wat het belangrijkste is in deze film, en daar is weer een parallel met La La Land: Soof heeft haar kookpassie hervonden! In de nieuwe filmlente leven ze nog lang en gelukkig gescheiden. Ik moet daar nog even aan wennen en word er een beetje herfstig melancholisch van. 

José Rozenbroek is bladenmaker, journalist en coach. Elke maand schrijft ze in Nouveau over haar drukke leven met dochters, vrienden en werk. 

En opeens sta ik op mijn hoofd. Nog niet helemaal op eigen kracht – Marloes, mijn yogajuf, houdt me vast bij mijn taille – maar het lukt 
me zowaar mijn benen te strekken en een minuut te blijven staan. Wow, this is exciting! Ondersteboven grijns ik van oor tot oor. Dat moet een vreemd gezicht zijn.

Het begon allemaal een paar jaar geleden en goed beschouwd per ongeluk. Ik had een ­schouderblessure opgelopen bij de bodypump, mijn spinningschoenen waren gestolen uit de kleedkamer van mijn sportschool na een af­mattende sessie waarbij ik het snot voor mijn ogen had gefietst. Omdat ik toch iets moest van mijzelf, schreef ik me in voor een yogalesje. Niet zonder vooroordelen: ik verwachtte voornamelijk bejaarde dames en een dito juf die op het geluid van klingelende belletjes spirituele taal zou bezigen. Tot mijn verbazing was ik de oudste; om mij heen zag ik voornamelijk fitgirls in strakke leggings en tanktops. De juf had gespierde billen waar ik een moord voor zou doen. In de zaal was het kil, ik rilde in mijn hemdje, terwijl ik voor het eerst in mijn leven op een yogamatje mijn adem ‘stuurde naar de pijnpunten’ in mijn lijf. Langzaam werd de les opgebouwd en na een kwartier begreep ik waarom de airco op volle toeren draaide. Sodeju, dit was poweryoga, waarbij de ene oefening na de andere in hoog tempo werd uitgevoerd en alle 650 skeletspieren een flinke beurt kregen. De volgende dagen had ik spierpijn. Spierpijn van de yoga – ik kon het niet geloven. De week erop ging ik weer, en al gauw was ik verslaafd aan mijn wekelijkse sessies. Ik probeerde ook wat andere vormen van yoga uit: hatha, yin, noem maar op, en ik vond het allemaal fijn. 

Maar de poweryoga van Marloes vind ik toch het allerfijnst. Erna voel ik me soepel, sterk en ook mentaal verlaat ik geheel opgefleurd en zen de zaal. Op één ding na: als yogabeoefenaar wordt mij elke week verteld dat het gaat om de intentie, niet om het resultaat. Dat ik, kortom, mijn ego moet verbannen. Dat blijkt voorlopig te veel gevraagd van een ambitieus type als ik. Pas als ik die kopstand geheel zelfstandig kan, en de billen van Marloes bezit, pas dan is deze yogi een echt tevreden mens.
 

José Rozenbroek is bladenmaker, journalist en coach. Elke maand schrijft ze in Nouveau over haar drukke leven met dochters, vrienden en werk. 

Als ik me in een gesprek laat ontvallen dat ik op Tinder zit, kan ik twee reacties verwachten. Of de ander vertrekt geen spier - want wie zit er nou niét op Tinder? - of hij of zij valt achterover van verbazing. ‘Wat, jij? Maar op Tinder zitten toch alleen maar mensen die op seks uit zijn? Zielige, eenzame, perverse mensen? Wat moet jij daar?’ Ik moet daar altijd om lachen. Of seks iets vrese­lijks en viezigs is, uitsluitend bedoeld voor eenzame, zielige, perverse mensen. Nu moet ik bekennen dat ik tot een jaar geleden ook dacht dat je op Tinder uitsluitend onenightstands kon scoren. Totdat ik hoorde ik dat een man, die ik in het geheim bijzonder leuk vond, verliefd was geworden op een vrouw die hij via dit dating­platform had ontmoet. Aanvankelijk was ik in shock. Toen was ik om.

Een profiel was snel aangemaakt en daarmee kon het spel van swipen en liken of afwijzen beginnen. In het begin deed ik dat met kloppend hart: ‘Stel je voor dat ik hier betrapt word door een bekende!’ Toen realiseerde ik me dat die bekende zich net zo betrapt zou kunnen voelen. En ik kwam ze inderdaad tegen: kennissen en collega’s, gebonden en ongebonden. Ik swipete ze snel naar links, weg ermee, zoals je in het echte leven een andere kant zou opkijken wanneer je iemand ziet die je op dat moment niet wilt zien. Het bleek een democratisch platform bij uitstek, waarop zowel bouwvakkers als bankiers voorbijkomen. Beschaafde intellectuelen die informeren welke krant je leest en getatoeëerde bonken die geen woord zonder spelfout kunnen tikken. Mannen die er ruiterlijk voor uitkomen dat ze graag een zweepje hanteren en stoute dingen met je willen doen, maar ook brave borsten die samen op de bank naar Heel Holland bakt willen kijken.

Maar tinderen bleek vooral vrolijker dan ik dacht. Ik heb inmiddels verschillende tindermannen ontmoet, saaie en speelse tinderconversaties gevoerd, opwindende en slaapverwekkende tinderdates gehad. Ik heb er zelfs een vriendschap uit gesleept, met een Italiaan die ik nog nooit heb gezien, maar die me elke dag virtuele rozen stuurt en die mij leert hoe ik spaghetti vongole moet maken: ‘Noo, not like Jamie! Is Jamie Italian?!’ Alleen die ene zielsverwant; inderdaad, goed dat je ernaar vraagt. Nee, die heb ik nog niet gevonden.