Wat is nou dat ene bepalende moment waarop je weet: met jou wil ik mijn leven delen? En wat is na jaren van samenzijn de kracht van een relatie? We vroegen het aan musicalster Lone van Roosendaal en theatertechnicus Eric Schlaghecke, die diep gingen om elkaar echt te vinden, maar nu een ijzersterk team zijn. Lone (47) en Eric (49) wonen met hun dochter Puck (16) in Amsterdam.

Lone - De liefde voor Eric
“Ik zag Eric voor het eerst eind 1995, in een café in Maastricht waar ik met een vriend, ook theatertechnicus, was beland na een voorstelling van Torch Song Trilogy. ‘Is dat nou niet waar je eigenlijk op valt?’ vroeg die vriend nog. Ik bezwoer hem – en mezelf - dat ik niet meer op dat soort mannen viel. Veel te veel man! Maar toen ik halverwege 1996 een rol kreeg in de musical Carlie en Erics naam zag staan op de medewerkerslijst, dacht ik meteen: mmm, niet gek om elkaar op deze manier beter te leren kennen.

Eric stapte iets later in de productie en zag de voorstelling pas voor het eerst tijdens de première in Haarlem. Toen ik hem na afloop vroeg hoe hij me vond in mijn rol, die enorm over the top was, reageerde hij kurkdroog: ‘Heel goed. Zo naturel ook!’ Vanaf dat moment was ik totaal verkocht. Het was zó mijn humor.

De weken daarna draaiden we een beetje om elkaar heen. Ik zat nog in een relatie, had een kind van drie. Maar Eric was gewoon te leuk, dus toen we na een voorstelling in Stadskanaal met de hele ploeg hadden doorgezakt in ons hotel, dacht ik: nee, jij gaat nu niet naar je bed, en anders neem je mij mee. Omdat de bar al dichtging, zijn we gaan pingpongen in het souterrain. Mijn bedoelingen lagen er duimendik bovenop, maar Eric bleef stug het balletje opslaan. Zelfs toen het in mijn decolleté belandde en ik uitdagend zei: ‘Nou, kom maar halen!’, plukte hij het doodkalm tussen mijn borsten vandaan en liep hij terug naar zijn kant van de tafel. Uiteindelijk bracht hij me naar mijn kamer, gaf me één natte zoen op mijn wang en dat was het dan. De volgende dag schaamde ik me kapot, al begreep ik het later wel. Hij wilde gewoon geen gedonder."

Eric – De liefde voor Lone
“De eerste keer dat ik Lone zag, in Maastricht, dacht ik wel: hé, wat een leuke vrouw. Maar verder niks. Ook toen ik bij Carlie haar naam tegenkwam, had ik niet meteen een heel plan. Er stonden ook andere leuke mensen op die lijst, dus ik dacht gewoon: dat kan leuk worden.

Natuurlijk ontging het me niet dat Lone na de première in Haarlem heel hard moest lachen om mijn grapje. Ik vond haar aantrekkelijk, maar ik was niet op zoek. Bovendien wist ik dat ze een relatie had en daar wilde ik niet in gaan roeren. Daarom hapte ik tijdens het pingpongen ook niet meteen toe. Een relatie binnen een relatie geeft altijd gezeur. En dan moet je met z’n tweeën nog wel zo’n hele tournee afmaken.

'Nu was haar relatie toch al niet zo best, dus vlak daarna stond ze op de stoep met een koffer en een kind'

Uiteindelijk liet ik me toch verleiden tot die afspraak in dat café, alleen kwam ze daar niet opdagen. Het was ook een andere tijd: ik had al wel een mobieltje, maar zij niet. Oké, dacht ik, dan ga ik lekker thuis een videootje kijken. Ik had me al geïnstalleerd op de bank toen de bel ging: Lone. Ze wist niet eens precies waar ik woonde, maar ik was wel weer zo burgerlijk dat ik een naambordje had. Dat scheelde.

Na die avond heb ik al snel gezegd dat ik niet het vijfde wiel aan de wagen wilde zijn. Nu was haar relatie toch al niet zo best, dus vlak daarna stond ze op de stoep met een koffer en een kind. Typisch Lone: ze zet ergens een streep onder en gaat verder. Ik had zelf gezegd dat ze welkom was, dus dan moet je op zo’n moment niet roepen: ‘Ho ho, zó bedoelde ik het niet!’ Ik vond het ook heel leuk dat ze er was. Én raar, om ineens samen te wonen na een paar keer daten."

Jullie voelden elkaar feilloos aan?
Lone: “Nou nee, het was toch meer vallen en opstaan. In het begin riep ik vaak: ‘Ik ga een eigen huis zoeken!’ Waarop Eric dan zei: ‘Moet je doen!’ Maar mooi dat hij me niet ging helpen.”
Eric: “Want je wilde niet écht weg. Maar goed, soms matchte het niet helemaal.”
Lone: “Ik ben bijvoorbeeld een beetje een sloddervos en jij bent heel netjes. In het begin liep je met een kruimeldief achter Bobbi aan. ‘Hoe lang ben je van plan dit vol te houden?’ vroeg ik dan.”
Eric: “Ik had uitgevonden dat je het minste werk aan je huis hebt als je alles meteen opruimt. ‘Low maintenance’ heet dat. Maar zo’n systeem gaat natuurlijk de mist in als de rest niet meewerkt. Al brachten jullie ook veel gezelligheid mee. Dat vond ik fijn.”
Lone: “Het prettige van jou is dat je veel dingen niet belangrijk genoeg vindt om stennis over te schoppen. Er was ruimte voor Bobbi en mij. Alleen had je toch een paar eigenaardigheden die ik niet trok, vooral op sociaal gebied. Als ik bijvoorbeeld vriendinnen op bezoek kreeg, ging jij de deur uit. ‘Als jouw vrienden hier zijn, vind je het toch ook gezellig als ik erbij kom zitten?’ zei ik dan. Maar ja, je had het niet zo op vreemde mensen, en helemaal niet als ze bleven logeren.”
Eric: “Dat was ik van huis uit ook niet gewend.”
Lone: “Terwijl wij vroeger altijd mensen over de vloer hadden, achteraf misschien zelfs iets te veel. Het lastigste vond ik nog dat ik met jou geen ruzie kon maken. Zodra ik eruit gooide wat me dwarszat, sloeg je dicht, of je ging gewoon weg. Nou, je kon mij niet kwader krijgen.”
Eric: “Af en toe kon ik wel onredelijk boos worden.”
Lone: “Ja, omdat je dingen veel te lang had opgepot. Ik herinner me een totaal verregende kampeervakantie in een verkeerd geïmpregneerde tent. Ik kon er nog om lachen, maar jij zat compleet op slot, tot je op de terugweg ineens ongelofelijk uitviel toen ik per ongeluk een zwieper aan het stuur gaf. Dat was de druppel. Ik zei: ‘Óf we stoppen ermee, óf we gaan in therapie.’”

Van 2 t/m 26 juni speelt Lone van Roosendaal tegenover René van Kooten een hoofdrol in de Broadwaymusical The Bridges of Madison County, te zien in theater Het Zonnehuis, Amsterdam.

Lees het volledige interview in de nieuwe Nouveau, die vanaf morgen in de winkel ligt.