‘ik heb de bodem geraakt, maar ben weer bovengekomen’

Wie haar ziet spelen, zou niet vermoeden dat Renée Fokker eigenlijk heel onzeker is. Sinds haar scheiding is de actrice vooral bezig met de balans opmaken: “het bevalt me steeds beter dat ik meer mijn eigen baas ben...”

De ogen van Renée Fokker. Ze zijn groen met kleine bruine vlekjes en ze zijn hypnotiserend mooi. En ze heeft die stem. Een hese stem, die lijkt op die van de net overleden Kitty Courbois. Ze zet koffie in haar riante huis in Amsterdam-Zuid. “Ik woon hier al 23 jaar. De woningbouwvereniging wilde ons er een paar jaar geleden allemaal uit hebben, maar ik ben een voormalig kraker. Ik heb me er voor het hele blok met succes tegen verzet. Ze hebben alle huizen gerenoveerd en de oorspronkelijke bewoners konden allemaal terugkomen, zonder een enorme huurverhoging.”

Renée praat gemakkelijk, maar geeft bijna nooit antwoord op een vraag. Het meandert voortdurend ergens anders naar toe; alsof wat ze denkt haar overkomt. “Ik ben te veel bezig geweest met wat anderen van mij ­denken en vinden. En dat wil ik niet meer.”

Vertel eens. Hoe was je op de toneelschool?
“Ik ging als een zonnetje door die opleiding heen. Maar ik was heel erg op mezelf. En behoorlijk verlegen. Ik vond die hele toneelschool doodeng. Ik ben een vrij onzeker mens. En wat doe je als je onzeker bent? Dan bescherm je jezelf. Dus dan hou je ook wel dingen af. Je doet jezelf eigenlijk altijd tekort. Als ze kwamen casten, ging ik liever achter een stoel zitten, omdat ik dacht: neem nou maar eens iemand anders. Maar dan namen ze toch weer mij. Ik had ook geen idee dat ik er best leuk uitzag. Ik kom uit een gezin waar het gaat om de binnenkant. ‘Je kiest iets in je leven waar je van houdt,’ zeiden mijn ouders. ‘Dan word je gelukkig.’

Hebben jouw ouders dat ook gedaan?
“Ja. Allebei. Mijn vader was architect. En mijn moeder komt uit een creatief nest. Die had acht broers die allemaal kunstenaar waren, of pater. Van die drie paters zijn er twee uitgetreden om ook kunstenaar te worden.”

                ‘ik heb de bodem geraakt, maar ben weer bovengekomen’

In zo'n milieu is het niet vreemd als je iets artistieks wilt gaan doen. Vanwaar dan toch die onzekerheid?
“Ik denk dat dat met dat grote gezin te maken heeft. Acht kinderen. De eerste zes zijn in vier jaar tijd geboren, die waren allemaal heel dik met elkaar, toen vijf jaar niks, toen ik, toen zeven jaar niks en toen nog een meisje. Dus ik viel een beetje tussen wal en schip. Ik heb nooit gevoeld dat ik bij die bij die club van zes hoorde. En behoorlijke karakters ook allemaal, die zes.”

Hoe deden je ouders dat, twee banen en acht kinderen?
“Die hadden het heel goed. We hebben twintig jaar Dinie in huis gehad, onze hulp. We hadden een heel groot, door mijn vader ontworpen, huis in Nijmegen met onderin een beatkelder. Huiskamer­concerten, een filmhuis... Er mocht veel, iedereen was welkom. Het was een droomjeugd, maar ja, die ouders ­hadden het wel heel druk. Ik had behoefte aan aandacht, die niet gegeven kon worden in zo’n groot gezin. Ik ben een gevoelig type. Er komt te veel ­binnen. Als het niet goed met iemand gaat, dan voel ik dat en dan heb ik daar last van. Dan wil ik het proberen op te lossen, weg met de spanningen. Ik ben toch altijd van het harmoniemodel.”

Je kunt toch niet een heel leven conflictloos leven?
“Nee, dat is het 'm juist. Het rare is: ik kan ook wel confronterend zijn, maar alleen op momenten dat ik me veilig voel.”

Heb je er weleens over gedacht om te stoppen met spelen?
“Nee. Waarom zou ik? Ik hou van mijn werk. Ik heb rond de geboorte van mijn zoon Daan, die is nu 24, negen maanden niet gewerkt en na de geboorte van Esah, mijn dochter, nu 19, stond ik na vijf weken alweer op het toneel. Ik nam haar en een au pair mee op tournee. Ik gaf haar borstvoeding in de pauze. Soms begonnen mijn borsten tijdens de voorstelling te lekken. Heel bizar. Ik was toen 35.”

Renée in het kort
Actrice Renée Fokker (Nijmegen, 1961) speelde in tal van tv-series, films en theaterproducties, o.a. met Toneelgroep Amsterdam. In 1996 kreeg ze voor haar rol in de film Blind Date van Theo van Gogh een Gouden Kalf. Recentelijk speelde Renée in series als Hart tegen Hard en Zwarte Tulp. In 2005 zette ze een onvergetelijke Agnes neer in Een gelukkige hand, over tekenaar/schrijver Peter van Straaten.

Bovenstaand interview is een deel van het gesprek dat Maria Goos had met Renée Fokker. Je leest het hele artikel in de nieuwe Nouveau, die a.s. donderdag in de winkel ligt.