Schrijver Simone van der Vlugt: 'Wim was nu eenmaal de ware'

Schrijver Simone van der Vlugt: 'Wim was nu eenmaal de ware'

Vandaag verschijnt haar nieuwe thriller: De Zonde Waard

Een nieuwe boek van Simone van der Vlugt is iets om handenwrijvend naar uit te kijken. Vanaf vandaag kun je huiveren om haar nieuwe thriller De Zonde Waard.

Het meisje ligt op de achterbank van de auto. Ze lijkt te slapen, maar er is iets vreemds aan haar houding. Iets onnatuurlijks. Het portier staat open, Ella kan zo naar binnen kijken, terwijl ze met haar polsbandje het zweet van haar voorhoofd veegt. Ze buigt iets naar het kind toe, dat op haar zij ligt, de mond half open. Er gaat een schok door Ella heen als ze ziet dat de polsen van het meisje vastgebonden zijn. Ze weet wie dit kind is: Demi Hulshof, vijf jaar oud.

Adembenemend kat-en- muisspel tussen een bende ontvoerders, de politie en een jonge vrouw die worstelt met haar verleden

Het terugvinden van de vermiste Demi vormt het startschot van een adembenemend kat-en- muisspel tussen een bende ontvoerders, de politie en een jonge vrouw die worstelt met haar verleden. Ze heeft gebroken met de Jehova’s getuigen en daardoor met al haar vrienden en familieleden.

In De zonde waard komen relaties op scherp te staan, wordt afgerekend met knellende banden en blijft tot het laatst toe onduidelijk wie je kunt vertrouwen. Maar uiteindelijk kruipt het bloed waar het niet gaan kan… Hoever wil je gaan om trouw te blijven aan jezelf en om anderen te beschermen?

De Relatiegeheimen van Simone en Wim 

Nouveau had eerder een dubbelinterview met Simone en haar man Wim, die elkaar goed aanvullen.

Schrijver Simone van der Vlugt: 'Wim was nu eenmaal de ware'

Hij vindt een plek op de achtergrond prima, zij staat graag in de schijnwerpers: 'Maar ik zeg altijd: "Dit is mijn man."

Simone – de liefde voor Wim

‘Wim heb ik ontmoet tijdens een fietsvakantie. Ik was zeventien, trok die zomer met een vriendin langs jeugdherbergen. Net als Wim, met een neef. Zo kwamen we terecht in Chaam, in de buurt van Breda. Toen ik ’s avonds aan de bar met Wim in gesprek raakte, sloeg de vonk bij mij onmiddellijk over. Ik vond hem heel knap met zijn bos zwarte haren en zijn getinte huid. Een beetje Italiaans, dacht ik, al bleek hij gewoon een Hollandse jongen.

Wat later op de avond kreeg Wim het ook te pakken, dus we hebben nog hevig gezoend. Natuurlijk hadden we allebei al een route uitgestippeld, maar mijn vriendin en ik hebben de onze de volgende dag meteen creatief omgelegd. Zij had zelf net verkering, dus ze begreep het helemaal.

Wim woonde in Badhoevedorp en ik in Julianadorp, onder Den Helder. Onze ouders dachten ongetwijfeld: dat gaat wel over. Het was ook niet gemakkelijk om elkaar regelmatig te zien. In het weekend moest Wim voetballen en ik werkte op zaterdag in de supermarkt. We schreven elkaar dus heel ouderwets brieven. Toch had de afstand ook voordelen. Ik heb alle ruimte gekregen om jong te zijn, met vriendinnen aan de boemel te gaan en nog eens een beetje verliefd te worden op een ander, al werd dat nooit echt serieus.

Wim was nu eenmaal de ware. Zijn rustige zelfvertrouwen, daar hield ik van. Praatjesmakers had ik al genoeg gezien. Wim kon belangstellend naar je luisteren, zonder er meteen zelf overheen te hoeven snateren. En hij was gewoon heel erg lief voor mij.’

Wim – de liefde voor Simone

‘Juli 1984 was het, en ik was ook zeventien. Grappig genoeg had ik Simone al gespot voordat ik met haar aan de praat raakte. Mijn neef en ik aten die avond in de jeugdherberg en zij zat buiten in de zon met een enorme milkshake en een grote zonnebril op. Ik zei nog tegen mijn neef: “Moet je dat nou eens zien!” Daar hebben we achteraf nog hartelijk om gelachen.

'Ik weet nog goed hoe blij ik was toen ik haar weer zag'

Aan de bar klikte het vrijwel direct. We wisselden ook al snel vertrouwelijke dingetjes uit, boorden diepere laagjes aan. Het was geweldig om meteen een aantal dagen in elkaars gezelschap te zijn, al gingen mijn neef en ik nog wel langs familie in Midden-Limburg en maakten Simone en haar vriendin een lus door België. Maar daarna hadden we wel weer afgesproken in Noord-Limburg. Ik weet nog goed hoe blij ik was toen ik haar weer zag. Die avond sloeg de vlam voor mij echt in de pan.

'We konden met hulp van mijn broer een benedenwoning kopen. Dat was de beste beslissing ooit'

Dat we niet bij elkaar in de buurt woonden, moeite moesten doen om elkaar te zien, is denk ik goed geweest. In 1987 kwam Simone wel al in Alkmaar wonen, dus iets dichterbij. Een jaar later zijn we gaan samenwonen in Amsterdam, waar zij inmiddels studeerde. Eerst een jaar in een huurwoning en het jaar daarop konden we met hulp van mijn broer een benedenwoning kopen. Dat was de beste beslissing ooit.

Ik zeg altijd: de klik van 1984 is er nog steeds. Simone is volstrekt rechtdoorzee, dat vind ik prettig. Je weet precies wat je aan haar hebt. Verder is ze zorgzaam, lief, en behoorlijk eigenwijs. Als ze iets in haar hoofd heeft, moet het ook gebeuren. Ik heb enorme bewondering voor haar doorzettingsvermogen en discipline. Anders krijg je ook niet zo’n carrière.’

21 en al een eigen huis, dat klinkt behoorlijk stoer.

Simone: ‘Nou, dat huisje stelde ook weer niet zo veel voor. Het hing van bouwvalligheid aan elkaar, maar Wims vader heeft het aardig opgeknapt. Het had wel een fijn tuintje en lag aan het Rembrandtpark. Dat in die tijd vol stond met potloodventers, maar dat mocht de pret niet drukken, haha. We hebben daar een geweldige tijd gehad.’

Als je samenwoont, kom je ook elkaars mindere kanten tegen. Wat nemen jullie op de koop toe?

Simone: ‘Iemands sterke punt kan tegelijkertijd iemands zwakte zijn, dat zie je heel vaak. De rust van Wim vind ik heerlijk, maar het moet ook weer niet té rustig worden. Soms denk ik: als ik niks zeg, wordt het hier wel erg stil.’

‘Ik weet nog goed dat ik mijn entree maakte in jouw familie. Dat praten ging maar door'

Wim: ‘Ik weet nog goed dat ik mijn entree maakte in jouw familie. Dat praten ging maar door. Bij mij thuis werd er nooit zo veel gezegd. Ik denk trouwens dat jouw eigenwijsheid ook twee kanten heeft. Je weet precies wat je wilt, maar als iets je niet zint, wind je daar ook geen doekjes om. In een restaurant wacht ik altijd tot jij een tafel hebt uitgekozen. Als ik plompverloren ergens ga zitten en jij hebt iets anders op het oog, moeten we toch weer weg. Maar ach, dat zijn kleine dingetjes. Eigenlijk zijn we altijd twee handen op één buik.’

Simone, instemmend: ‘Ruzies hebben we praktisch nooit. Hooguit soms een aanvaring, zoals laatst, toen je op een feestje vertelde over de grote fietstocht die je met een vriend had gemaakt. Ik riep toen jolig: “Ze zaten gewoon lekker op een terrasje met een taartpunt!” Daar had je me namelijk een foto van geappt.’

Wim: ‘Terwijl het een serieuze fietstocht was geweest. Ik voelde me toch een beetje in mijn hemd gezet, dus ik zei iets nijdigs terug.’

'Wij zijn heel verschillend, maar eigenlijk willen we altijd hetzelfde'

Simone: ‘Toen je zo reageerde, was ik eerst ook even geïrriteerd. Je had die foto toch echt gestuurd en ik had met mijn opmerking niets lulligs bedoeld. Maar zoiets spreken we dan snel uit en daarmee is het ook over. Ze hebben het weleens over het geheim van een goede relatie, en ik denk dat je het lang kunt volhouden als je in de basis veel overeenkomsten hebt. Wij zijn heel verschillend, maar eigenlijk willen we altijd hetzelfde, of het nu gaat om vakanties, de inrichting van ons huis of de series waar we naar kijken. Dat telt. De weg die je aflegt voordat je bij dat ene punt belandt, maakt dan in feite weinig uit.’  

Schrijver Simone van der Vlugt: 'Wim was nu eenmaal de ware'

Jullie hebben samen een dochter van 26 en een zoon van 23, die inmiddels allebei het huis uit zijn. Hoe ging dat vroeger?

Wim: ‘Ik had toen een baan in Amsterdam en Simone werkte thuis, dus overdag was zij er voor de kinderen.’ 

Simone: ‘Ik werk heel efficiënt. ’s Ochtends begin ik meteen met schrijven. Dat kan om half negen zijn, maar ook om zes uur. Als een boek wat verder gevorderd is, zit ik vaak zo in het verhaal dat ik ervan droom en korter slaap. Mijn hoofd is ’s ochtends ook lekker fris, en door vroeg te starten had ik al aardig wat uren gewerkt voordat de kinderen uit school kwamen. Ik wilde niet zo’n moeder zijn die er nooit voor ze was.’

Wim: ‘In 2007 ben ik zelfstandig fotograaf geworden, met een eigen fotostudio. Toen konden we de taken meer verdelen.’

Simone: ‘Heel prettig. Al waren de kinderen zo gewend aan mijn aanwezigheid, dat ze nog steeds eerder naar mij kwamen als er wat was. Dat begreep ik ook wel.’

Wim: ‘Ik denk dat je de taken moet oppakken die het beste bij je passen. De administratie doe ik bijvoorbeeld.’

Simone: ‘Natuurlijk. Jij bent fiscaal analist, en ik weet er niks van.’

Hoe bevalt het lege nest?

Simone: ‘Prima. Kinderen worden geleidelijk aan steeds uithuiziger, dus je groeit er vanzelf naar toe.’

Wim: ‘Bovendien wonen ze allebei in de buurt, dus we zien elkaar nog vaak genoeg.’

Simone, vrolijk: ‘Al hebben we ook weer een beetje ons vrije leven van vroeger opgepakt. Dan wil er een kind naar huis komen en is het: “Sorry, we zitten in Amsterdam op een terrasje” of: “We eten vanavond buiten de deur.” Laatst kreeg ik te horen: “Jullie zijn er nooit!” Waarop ik reageerde: “Hé, dat was eerst onze tekst!”’ 

Simone, je vertelde net over je opmerking in gezelschap over Wim en de taartpunt. Ben je een flapuit?

Simone: ‘Nou, ik ben wel impulsiever dan Wim. Het kan zomaar voorkomen dat ik eerst het een wil en een uur later iets heel anders. Maar echt een flapuit ben ik niet. Niet meer althans. Dat heeft zeker te maken met mijn publieke rol. Op een feestje of een borrel zijn er al gauw journalisten die meeluisteren. Daarom drink ik ook niet. Drank maakt je loslippig en de meeste mensen worden er niet leuker van, is mijn ervaring.’

Wim: ‘Als ik met jou op het Boekenbal ben, zijn er ook altijd journalisten die mij proberen uit te horen.’

Simone: ‘Het ergste vind ik als ze dingen uit de context halen. In een interview vertelde ik een keer over mijn puberteit: veel uitgaan, dansen en dan die lange boekenlijst voor Nederlands. Daar had ik weinig energie meer voor, dus bij Reve viel ik onderhand in slaap. Dat werd de kop: “Bij Reve viel ik in slaap”. Ik heb nog jaren moeten uitleggen dat ik Reve níet slaapverwekkend vind.’

Wim: ‘Je werd op die uitspraak afgefikt. Daar word je alerter van.’

Simone: ‘Ook bij vrienden houd ik me in. Ik heb zelf een grote hekel aan mensen die continu over zichzelf praten en het liefst de ander overtroeven. Zo wil ik niet zijn. Terwijl we door mijn werk best vaak bijzondere reizen maken en bijzondere mensen ontmoeten. Hartstikke leuk, maar ik heb ook belangstelling voor de verhalen van anderen.’

Hoe is het voor jullie dat de een landelijk bekend is en de ander niet?

Wim: ‘Ik blijf liever wat meer op de achtergrond, dus ik heb er geen last van. Al vind ik wel dat mensen soms erg onbeleefd zijn.’

Simone: ‘Dan sta je naast me en negeren ze je gewoon. Ik zeg ook altijd: “Dit is mijn man.” We hebben er vroeger wel over gepraat, of je het echt niet erg vond om in mijn schaduw te staan. Mensen zijn om minder uit elkaar gegaan. Omgekeerd had ik het erger gevonden. Ik ben sowieso meer aanwezig, sta graag in de schijnwerpers.’

Wim, nuchter: ‘Ik heb ook voordeel van jouw succes. En als ik in mijn studio groepen fotografeer, help je mij. Twee zien nu eenmaal meer dan een.’

Simone: ‘Ja, dan zijn de rollen omgedraaid. Ik let erop dat kragen en haren goed zitten en ik geef ook weleens advies als mensen zich ongemakkelijk voelen voor de camera. Dat ben ik inmiddels wat meer gewend.’

Wim: ‘Het gaat erom dat je een goed team bent.’

Simone: ‘Precies. Als ik ’s avonds lezingen geef, ben jij mijn chauffeur. Ik heb hypermobiele gewrichten en krijg overal last van als ik lang in dezelfde houding moet zitten. In mijn eentje zou ik dus niet gaan. En nu gaan we altijd samen van tevoren een hapje eten, dat is gezellig.’

Wat hebben jullie van elkaar geleerd?

Simone: ‘Langer nadenken voordat ik een beslissing neem. En niet meteen alles invullen als mensen iets zeggen of doen. Ik heb de neiging om vijf zetten verder te denken, terwijl Wim zegt: “Wacht nou even rustig af.”’

Wim: ‘Ik heb geleerd mijn gevoel uit te spreken. En ik ben doelgerichter geworden. Ik ging al jong werken, maar Simone zei: “Je moet leren!” Dat heb ik 25 jaar in de avonduren gedaan.’

Kunnen jullie elkaar vergelijken met een plek, een gerecht en een muziekstuk?

Simone en Wim samen: 

Plek: ‘Florence, vanwege de prachtige historische kern. We houden sowieso enorm van de Italiaanse sfeer.’

Gerecht: ‘Een frisse, zomerse salade. We eten graag gezond en licht. Vooruit, met één glas wijn erbij.’

Muziekstuk: ‘Through the Barricades van Spandau Ballet. Als we dat horen, zijn we prompt weer zeventien en verliefd.’

Over Simone en Wim 

Schrijver Simone van der Vlugt: 'Wim was nu eenmaal de ware'

Simone van der Vlugt (52) is een van Nederlands bekendste thrillerschrijfsters. Van haar thrillers werden in totaal ruim twee miljoen exemplaren verkocht. Titels als De reünie, Blauw Water, Op klaarlichte dag, een trilogie rond rechercheur Loïs Elzinga, en De doorbraak, werden in veel landen vertaald. Haar nieuwe thriller De Zonde Waard is vandaag verschenen. Wim van der Vlugt heeft een fotostudio in Alkmaar. Samen met Simone publiceerde hij twee reisgidsen. 

Dit interview heeft eerder in de printeditie van Nouvea gestaan (c) Nouveau / DPG Media 2022

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in