Lifestyle

Onze taal is prachtig: déze oude Nederlandse woorden verdienen direct weer een plek in je vocabulaire

We lenen soepel termen uit het Engels, gooien appjes vol hippe afkortingen en voor je het weet zit de straattaal van je tiener in je vocabulaire. Dat is precies de charme van taal: ze is nooit 'af' of in beton gegoten. Maar in die razendsnelle vernieuwing verliezen we soms ook pareltjes. En dat is zonde, want sommige oude Nederlandse woorden hebben een sfeer en humor die je met de taal van nu simpelweg niet kunt evenaren.

Ruth Stuut
4 minuten
Hand met vulpen die een brief aan een vriend schrijft.

Waarom zou je een saai, plat woord gebruiken als er in de archieven van onze taal woorden liggen te verstoffen die de spijker véél beter op hun kop slaan? Het zijn van die termen die direct een glimlach op je gezicht toveren of de angel uit een irritatie halen. Tijd om ons vocabulaire een frisse, vintage upgrade te geven. Déze unieke woorden verdienen direct een comeback.

Deze parels verdienen weer een plekje in onze dagelijkse taal

  • Kissebissen: Kibbelen om helemaal niks. Denk aan die compleet zinloze discussies over wie de vaatwasser uitruimt of welke film jullie gaan kijken. 'Kissebissen' klinkt stukken gezelliger en onschuldiger dan 'ruziën'.
  • Besjoechelen: Flink in de maling genomen of opgelicht worden. Je kent het wel: je koopt een fantastische 'vintage' designertas via Marktplaats, die bij aankomst regelrecht uit een goedkope fabriek blijkt te komen. Dan voel je je dus behoorlijk... besjoecheld!
  • Achenebbisj: Deze mooie tongbreker is van oorsprong een Jiddisch woord dat vroeger door de Joodse gemeenschap in Amsterdam in de volksmond is gebracht. Het is eigenlijk een grappige samentrekking van het Nederlandse of Duitse zuchtje 'ach' en het Jiddische woord 'nebbisj', wat stumper of pechvogel betekent. Tegenwoordig gebruiken we het vooral om aan te geven dat iets er een beetje armoedig, rommelig of sneu uitziet.
  • Geldgier: Een extreem gierig of hebzuchtig persoon. De perfecte omschrijving voor die ene kennis die na een gezellig avondje borrelen doodleuk een Tikkie van €2,15 stuurt voor het bittergarnituur.
  • Palaveren: Eindeloos overleggen, praten of emmeren zonder tot een punt te komen. Het perfecte woord om in een trage groepsapp te gooien als niemand een knoop durft door te hakken over een datum voor dat etentje.
  • Gladbek: Een jongeman die nog geen baardgroei heeft, maar wel denkt dat hij de hele wereld aankan. Gebruik het gerust met een flinke knipoog als dat piepjonge, ietwat betweterige neefje je weer eens komt vertellen hoe het eigenlijk moet.
  • Slabakken: Treuzelen of niet echt opschieten. Voor als je vriendin wéér haar sleutels kwijt is terwijl jullie allang in de auto hadden moeten zitten. "Zit niet zo te slabakken!" werkt veel beter dan ongeduldig zuchten.
  • Huisduif: De chiquere, moderne versie van de klassieke huismus. Voor iedereen die in het weekend geen zin heeft de deur uit te gaan en zonder schuldgevoel in joggingpak de bank claimt.
  • Kinderbewaarplaats: Een heerlijk, ietwat dramatisch woord voor de kleuterschool of de crèche. Als je de ochtendspits thuis weer eens amper overleefd hebt, klinkt het stiekem best bevrijdend: "Zo, de koters zijn veilig afgeleverd bij de kinderbewaarplaats. Tijd voor koffie!"
  • Jammermoedig: Verdrietig, weemoedig of een beetje zielig. Het klinkt veel zachter, poëtischer en liever dan vertellen dat je vandaag gewoon even flink 'down' bent.
  • Natgierig: Dat onweerstaanbare verlangen naar een lekker (alcoholisch) drankje. Precies dat gevoel dat je krijgt op vrijdagmiddag om vijf uur, of nadat je eindelijk die enorme to-do lijst hebt afgevinkt. "Schenk maar in, ik ben ontzettend natgierig naar een goed glas wijn!"
  • Koketteren: Pronken of een beetje flirterig de aandacht trekken. Een heerlijk woord voor als iemand net iets te hard z'n best doet om op te vallen, zonder dat je het meteen gemeen bedoelt.
  • Pantoffelregiment: Een huishouden waar de vrouw overduidelijk de scepter zwaait en de man braaf volgt. Klinkt toch net even wat chiquer dan zeggen dat hij 'onder de plak' zit: "Daar heerst een stevig pantoffelregiment hoor, hij durft niks zonder overleg."
  • Saffiaantje, of saffie: Een sigaretje. Hoewel we ze natuurlijk steeds minder zien, blijft het een nostalgisch klinkend woord voor dat momentje op het terras of balkon.
  • Treurgeestig: Zwaarmoedig of ontzettend melancholiek. Een prachtig woord voor iemand die zó theatraal in z'n eigen zelfmedelijden zwelgt, dat je niet weet of je hem moet troosten of uitlachen.
  • Vuilbaard: Een smoezelige of ongemakkelijke man die je liever ontwijkt. Hét woord voor die gast in de kroeg (of in je DMs) die je net even te lang blijft aanstaren. Gauw doorlopen!
  • Zuurmuil: Een ontzettend onvriendelijk, nors persoon die standaard kijkt alsof hij of zij net in een citroen heeft gebeten. "Wat is die klantenservice-medewerker vandaag een zuurmuil, zeg."

Welke van deze prachtige woorden ga jij weer gebruiken?