Een gezonde mond begint bij de juiste routine. Het gaat niet alleen om tandenpoetsen, maar ook om de juiste volgorde van mondspoeling, flossen en poetsen. Als je deze stappen goed combineert, verwijder je effectief bacteriën en plaque, bescherm je je tandvlees en verklein je de kans op gaatjes. Zelfs een paar kleine aanpassingen aan je dagelijkse routine kunnen dus een groot verschil maken.
1. Spoel eerst je mond
Begin je routine met een snelle mondspoeling. Mondwater vóór het poetsen helpt bacteriën die zich ‘s nachts hebben opgehoopt te verwijderen en legt een schone basis voor de rest van je routine. Let op: gebruik mondwater niet direct na het poetsen, anders spoel je de fluoride uit je tandpasta weg.
2. Flossen vóór je poetst
Flossen is essentieel. Door te flossen voor het poetsen verwijder je etensresten en plaque uit de ruimtes tussen je tanden. Zo bereikt de tandpasta tijdens het poetsen de moeilijk bereikbare plekken en wordt je mond grondiger schoon.
3. Poets goed
Nu je mond schoon is, is het tijd om te poetsen. Gebruik fluoride‑tandpasta en poets minstens twee minuten. Een elektrische tandenborstel kan helpen om overal goed bij te komen, maar een handborstel werkt ook prima als je de juiste techniek gebruikt. Houd de borstel onder een hoek van 45° bij het tandvlees en vergeet de achterkant van je kiezen en je tongrandjes niet.
4. Vergeet je tong niet
Je tong kan veel bacteriën vasthouden die slechte adem veroorzaken. Poets de tong kort of gebruik een tongschraper voor een extra frisse mond.
Samengevat: de optimale volgorde
De meest effectieve volgorde is eerst mondspoeling, daarna flossen, vervolgens poetsen en tot slot de tong. Op deze manier geef je je mond de beste kans om schoon en gezond te blijven en verklein je de kans op tandvleesproblemen, gaatjes en slechte adem.