Blog posts met tag huisdieren

'Je knippert één keer met je ogen en ze zijn volwassen'. Een veelgebruikte uitspraak als het gaat over kinderen, omdat ze zo snel opgroeien. Niemand vertelt je dat dit voor je furry babies net zo geldt. Stom eigenlijk, want is het niet zo dat we over honden en katten zeggen dat één levensjaar van hen, gelijkstaat aan zeven levensjaren van ons.

Niemand heeft me ooit gewaarschuwd hoe snel katten oud worden. Dat moet je maar ondervinden, meemaken. Het moment waarop je ’s morgens binnenkomt en je realiseert dat je echt niet meer naar een volwassen kat kijkt, maar naar een oud dametje. Natuurlijk, de kittenfase, die fase waarin ze helemaal niets hoeven te doen om je hart te laten smelten, die gaat snel voorbij. Maar dan komen er nog járen van plezier. Talloze momenten waarop je denkt ‘Ah gossie, kíjk nou! Zo lief!’

Muis met 'grote broer' Garfield. 

Doof

Totdat moment waarop het tot je doordringt dat het geen toeval is dat ze je niet direct hoort. Ze is doof aan het worden. Daarom schrikt ze zo wanneer je ‘ineens’ naast of achter haar staat, of naar haar toeloopt op de bank waar ze ligt te soezen. Dat is ook zoiets: ze slaapt veel meer. En ligt het aan mij of zijn haar oogjes minder helder?

Ze gaat ook minder naar buiten, enkel nog naar het grote terras via de schuifdeuren, als het zonnetje schijnt. Nu ik me realiseer hoe fragiel en oud ze werkelijk is, ben ik daar wel blij om. Hoef ik me geen zorgen om haar te maken, ze is altijd in mijn zicht.

En zo zie ik steeds meer tekenen. Haar vacht is niet meer zo mooi, hij schilfert, en als ze voor me uitloopt, zie ik ingevallen flanken. Ze raakt ook sneller haar balans kwijt.

Eerder zei ik het grappend, met een knipoog: ‘Ze wordt dement’. Ondertussen denk ik dat het écht zo is. Ze kan minuten aaneen miauwen als een brandalarm. Hard, lang, en zeer aanwezig. En tot mijn schaamte moet ik bekennen dat ik dan soms heel hard ‘Muis!! Kappen nu!!’ roep. Dan schrikt ze van me en rent weg. Wat mijn hart dan weer breekt. Niet dat ze echt bang is, want nog geen vijf seconden later staat ze alweer voor mijn voeten. Inderdaad, te miauwen, maar toch...

Angst

Inmiddels hebben we twee keer de angst gehad dat we haar kwijt gingen raken. Als de dierenarts dan tegen je zegt ‘Je hebt een heel ziek meisje bij je’, dan ga je stuk vanbinnen. En toch, ze krijgt dan een infuus - ik noem het haar ‘happy-infuus’ met allerlei dingen waar ze van opknapt - en vocht, en dan wordt ze weer beter.

Muis, mijn lieve, kleine Muis die ik in 2003 heb meegenomen vanaf La Gomera, toen meer dood dan levend. Ze was nog maar een paar weekjes oud en had toen - en nu nog - een enorme vechtlust.

Lees ook Sylvia's blog: #Heldinnen … Welke ken jij?

Die heeft haar al vaak gered, mijn meisje bleek namelijk ook een voedsel-intolerantie te hebben. Die heeft haar onnoemelijk veel spuugbuien en buikpijn bezorgd. Wat waren we opgelucht toen we uiteindelijk een goede diagnose kregen en we iets konden doen. Wel spuugt ze nog steeds, soms twee keer op een dag, soms een week niet. Regelmatig vraag ik me af of ze nog wel blij is…

Maar ze wil nog steeds spelen, ze vindt het heerlijk om samen te knuffelen. En ze wil eten, en snoepen. De hele dag door. Wat ze vervolgens dan dus weer uitspuugt. Dus krijgt ze verdeeld over de dag hele kleine porties, en af en toe een beetje kattenmelk. En ze krijgt vooral liefde. Heel veel liefde.

‘Krakende wagens lopen [rijden] het langst'. Ik hoop dat dit ook voor mijn lieve Muis geldt en dat ze nog heel lang bij me is.

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

More content below the advertising

Reacties (2)

a.guiteneau@upcmail.nl
Joined19.10.2018
2/2 | 

Mijn Skoet is inmiddels ook ruim 15 jaar oud en ik denk ook aan het dementeren. Soms is ze me 'kwijt' en gaat dan staan blehren inderdaad, dan moet ik roepen dat ik bij de wasmachine ben (oid). Ook haar vacht is minder glanzend en daaraan zie ik dat de ouderdom nu echt wel haar intrede heeft gedaan. Ik hoop nog een paar mooie jaartjes met mijn Grande dame.

Toen ik je voor het eerst zag, was je een klein hummeltje van drie weken oud. Je oogjes waren nog blauw en je piepte meer dan dat je miauwde, maar vanaf het allereerste ogenblik waren wij samen meant to be. Ik ging op de grond zitten, jij waggelde naar me toe, klom in mijn nek, gaapte, en viel in slaap met je kopje verstopt in mijn haar.

Vijf weken later, een paar dagen voor kerst, mochten we, Lief-van-toen en ik, je eindelijk ophalen. Magic Tim van de House of Silverstars. Giekje voor intimi.

Je maakte kennis met grote broer Max, een rooie kater met bruine ogen. Je probeerde indruk te maken door een hoge rug en dikke staart op te zetten, maar Max keek een keer en besloot dat je een wasbeurt nodig had. Binnen tien seconden lag je op je rug te genieten, #FriendsForLife.

Je was mijn eerste huisdier ‘zonder rugzak’. Mijn dieren kwamen altijd van de straat en uit het asiel. Ik loop altijd naar de zieligerds. Jij was de enige uitzondering en man, wat hebben we samen een plezier gehad en wat hield ik van je.

Je groeide als kool en hoewel ik het jammer vond dat dat hele kleine zo snel verdween, werd je elke dag liever en mooier. Samen werden we ouder. Ik was 26 toen ik je kreeg en ik deelde alle ups en downs met jou. En daar zijn er best wat van voorbij gekomen. Je was de enige die álles wist. Jou vertelde ik alles en je mooie vacht was meer dan eens nat van mijn tranen. We zijn ook drie keer samen verhuisd. De eerste keer met veel plezier, je was toen een half jaar oud en we vonden dat je een echte tuin moest hebben. Je leerde vogels vangen en kwam zelfs een keer thuis met een baby-konijntje. Toen heb je me wel aan het huilen gemaakt. Daarna racete ik als een gek naar Utrecht om het beest naar een opvang te brengen waar ie twee dagen later alsnog het loodje legde… Wat je maar niet leerde, was dat je gewoon géén kikkers/padden moest vangen. Elke keer trok je vieze bekken en schudde met je kop, maar dat oorzaak-en-gevolg-principe heb je nooit goed begrepen.

Waar je dan weer wel heel goed in was, was jezelf in de nesten werken op zondag. Een wesp doorslikken, een splinter in je poot… áltijd op zondag. Lees: torenhoge dierenartsrekeningen. Dat ik elke keer dreigde je zakgeld in te houden, heeft nooit indruk gemaakt.

Een paar jaar later kregen we opnieuw gezinsuitbreiding. Vanaf La Gomera bracht ik je zusje mee, Muis. Ineens hadden we drie M’s: Max, Magic en Muisje. Muis was in het begin super bang en je trok je niet zoveel van haar aan, maar toen ze eenmaal loskwam, vond je haar een vervelend mormel en nam jij de opvoeding van me over. Elke keer als ze lastig was (en dat vond je haar al snel), joeg je haar met één mep onder de kast. Na een week of wat was die opvoeding voltooid (chapeau daarvoor) en werden jullie dikke vriendjes.

Een paar jaar later verhuisden we opnieuw. Jij, Muis en ik samen. Dát was heel verdrietig… Afscheid nemen deed pijn. Maar ook daar sleepte je me doorheen, samen met kleine Muis. We sliepen samen in dat te grote bed in dat nieuwe huis, aten samen gegrilde kipfilet en keken samen Grey’s Anatomy.

Tot die laatste verhuizing in 2007. Jij was acht, ik was 34 en we gingen naar het Zuid-Limburgse Heuvelland, naar mijn Lief. Jij en Muis dachten vast dat jullie in het kattenparadijs waren gekomen; overal tuin, bosjes en hoog gras. Zodra het zonnetje scheen, was je buiten en ik zág je genieten. We waren happy en je zou nog minimaal twaalf jaar bij me blijven, want dat was onze deal: samen oud worden.

Maar dat is ons niet gelukt. Op 13 oktober 2012 stond je niet op toen ik thuiskwam. Dat vindt een ander misschien niet heel vreemd, want het was ergens midden in de nacht, maar ik vond het raar. Dus liep ik naar jou… Je lag op de bank en tilde wel je mooie koppie op, maar verder kwam je niet in beweging. Vanaf dat moment ging het mis. Marcel, de dierenarts, kwam erbij en het was niet goed. We gingen naar België waar je extra onderzoeken kreeg, maar ik had geen diagnoses nodig. Ik zag het aan je. Je had pijn. Ik belde weer met Marcel en op 18 oktober kwam hij thuis langs. Mijn hart brak die avond in duizend kleine stukjes toen ik zei dat het ‘goed’ was, dat je mocht gaan. (Want hoezo goed?! Wat was er in vredesnaam goed aan?)

Je sliep heel rustig in, op je lievelingskussen op je lievelingsplek op de bank. Muisje heeft nog een poos bij je gelegen zodat ook zij afscheid kon nemen. De volgende dag in het crematiecentrum heb ik je zelf gedragen, tot het allerlaatst. Ik weet nog dat ik een week domweg amper aanspreekbaar was. Het verdriet om jou deed gewoon fysiek pijn. Bovendien was drie dagen later, 21 oktober, je verjaardag. Je hebt je dertiende verjaardag niet gehaald.

Inmiddels is het 2017. Afgelopen woensdag was het vijf jaar. Muisje is nu ouder dan jij geworden bent, ze is een oud dametje. En, Garfield woont nu bij ons. En hoewel ik ook van hem zielsveel hou, mis ik jou nog steeds. Het enige wat gelukkig waar blijkt te zijn, is dat verdriet een beetje slijt. Want voor het eerst heb ik niet de hele dag gehuild en had ik een glimlach bij alle herinneringen.

Morgen is je verjaardag. Ik ga een kaarsje voor je branden en omdat ik weet dat ik dan ga huilen, heb ik ook al bedacht dat ik daarna met Garfield in mijn armen ga dansen op foute muziek, zodat we weer lachen en met liefde en plezier aan je denken. Dag lieve Giek...

Reacties (0)

Sylvia (1973). Geboren in het Gooi, wonend en werkend in het Heuvelland van Zuid-Limburg. Getrouwd met de liefde van haar leven, voor wie ze tien jaar geleden naar het Limburgse is verhuisd. Hij is ondernemer met een bedrijf in het zuiden, dus verhuizen was voor hem geen optie. Op deze plek en op haar eigen website sylvia.nl vertelt ze over haar leven. Sylvia neemt zichzelf niet heel serieus en niet alle mensen begrijpen haar humor, wat regelmatig tot allerlei vermakelijke misverstanden leidt.

Archief

2018
2017

Instagram