Blog posts met tag Sylvia

Erewoord, ik ben niet jaloers aangelegd, maar heel soms springt er ineens zo’n driekoppig-groen-monster op mijn schouder, namelijk wanneer ik in gesprek ben met iemand die ‘verlicht’ is. Iemand die ‘lichtelijk-irritante-tot-ronduit-verschrikkelijke-dingen’ briljant kan relativeren.

Yogaweekend
Dat vind ik nog tot daaraan toe als het mijn yogajuf is, of als ik een yoga-weekend met andere yogi’s heb, want dan weet ik waar ik naar toe ga en wat ik kan verwachten: één of twee (of drie, dat is direct ook het omslagpunt voor mijn incasseringsvermogen) van ‘dat soort mensen’. Maar dat kan ik hebben: ik hou me Oost-Indisch doof, doe een extra ademhalingsoefening et voilà.

Collega’s zijn irritant
Anders wordt het met collega’s: iets is kwijt, een pakje is niet aangekomen, een afspraak is dubbel gepland, you name it. Allemaal niet heel wereldschokkend, allemaal wel heel irritant. En als degene aan wie ik vraag: “Weet jij waar het pakketje/mijn afspraak is?” übervrolijk antwoordt met ‘Nee!’ en onverstoorbaar doorgaat met wat hij/zij dan ook aan het doen was, dan krijg ik serieus jeuk.

Want ben je zen, of interesseert het je gewoon geen ruk? Door dat spreekwoordelijke schouderophalen wek je bij mij de indruk van het laatste. En daar krijg ik nog veel meer jeuk van.

Als je erover praat, krijg je als antwoord dat negatieve energie tijdverspilling is. Waar ik het an sich wel mee eens ben. Maar betrokkenheid en commitment zijn geen tijdverspilling. Ik maak me wél druk als dingen niet goed gaan. Enkel ‘nee!’ roepen zonder zelfs maar één seconde mee te denken over een oplossing komt niet heel erg betrokken over. Maar dat is niet belangrijk. Dat mag ik denken, want: wat ik denk is aan mij. (En dat is ook waar.)

Vrienden zijn nog erger
Maar vrienden die alles kapot relativeren? Die zijn pas écht erg. Het maakt niet uit waar je het over hebt: ontslag, een moeizame relatie, heftige ziektes of zelfs het overlijden van iemand, zij reageren met één of andere dooddoener waaruit ik dan blijkbaar moet opmaken dat het heus allemaal niet zo erg is. Alleen: je kunt niet van elke olifant een mug maken.

Serieuze vraag
Wat valt er nog met elkaar te praten als alles wordt afgedaan met onverstoorbare relativiteitsleer? Soms wil ik gewoon mijn hart luchten, en als ik als enige reactie krijg dat het vergeleken bij X of Y heus wel meevalt, kan ik net zo goed met mezelf in gesprek gaan. Ook leuk, maar toch anders.

Zen mensen zijn een beetje eng
En om het allemaal nog een graadje erger te maken, voel ik me dan ook nog slecht, en oppervlakkig.  Ik word namelijk wel boos, geïrriteerd, verdrietig of gefrustreerd. Of alles tegelijk. Gebeurtenissen raken mij. Ik heb daarom bedacht dat ik zen-mensen een beetje eng vind. Dat mag best, want in al hun verlichtheid hebben ze dat vast al gerelativeerd voor ik het goed en wel heb uitgesproken ;)  

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

Reacties (0)

More content below the advertising

Zittend op een plastic wiebelstoel wacht ik op m’n frites en kijk een beetje om me heen. Ineens heb ik oogcontact: een klein jongetje van een jaar of drie kijkt me met donkere ogen aan. Hij zit in een buggy. En dan, naast hem, zie ik haar, zijn moeder. Een jonge vrouw, eind twintig. Haar ogen zijn ergens anders op gericht. Het jochie heeft een smartphone in zijn handjes, hij snottert en jengelt een beetje, maar ze heeft geen tijd voor hem. Al haar aandacht gaat naar de gokkast. Sorry, naar de twéé gokkasten, waar ze om de haverklap geld in gooit. Haar zoontje negeert ze. 

Ze let niet op haar peuter. Ze zit compleet in haar eigen wereld en heeft ook niet in de gaten dat ik haar observeer. Haar haar in een slordige knot, een dikke laag make-up, en nogal aanwezige nepwimpers. Aan haar voeten sportsokken en sandalen, niet de dure merken die nu hip zijn, meer een mislukte poging daartoe. 

De lampjes en geluiden van de gokkasten stoppen, maar ze is nog niet klaar. Ze loopt naar de kassa om geld te wisselen en gooit opnieuw in allebei de kasten munten. Vijf minuten lang drukt ze onophoudelijk op de knoppen. Daarna is het geld weer op. Er is, uiteraard, geen geld uitgekomen.

Pas dan praat ze voor het eerst tegen haar kindje. Ik versta niet goed wat ze zegt, maar de toon en lichaamstaal zijn niet lief. Aanraken doet ze hem niet, wel pakt ze haar smartphone terug. Ze helpt hem niet eens met zijn snotsneus. Met de buggy aan één hand en haar smartphone in haar andere, loopt ze naar buiten.

De triestigheid straalt ervan af. Ik heb met haar te doen, en nog net iets meer met dat jochie. Dit kan toch niet zijn hoe ze het vroeger heeft bedacht? Ik denk van alles, maar wie ben ik? Ik weet niet hoe het is om in haar schoenen te staan, haar leven te leven. Wie weet waar ze naar toe liep, hoe haar thuissituatie is. Ik kijk ze na tot ik ze niet meer kan zien. 

Zonder al te veel enthousiasme pak ik een frietje. Ze zijn koud, maar dat maakt niet uit, de eetlust was me al vergaan...

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

Reacties (0)

‘Ik heb nooit huisdieren gehad.’
Toen mijn Lief me dat vertelde, was ik even sprakeloos. In die stilte volgde gelukkig een toevoeging: ‘Ja, een valkparkiet, toen was ik 12 ofzo, die heb ik zelf gekocht op een rommelmarkt. Gewoon mee naar huis genomen, mijn moeder wist van niks.’ Even voor de goede orde, we hebben het over ruim 35 jaar geleden en gelukkig mocht het gevederde vriendje blijven. Maar ik snap daar dus niks van: dat je als ouder je dreumes geen huisdier gunt.

 

Een beter en leuker mens

Ik vind het serieus treurig: opgroeien zonder huisdieren. Iedere ouder gunt zijn/haar kind toch een vriendje dat 100% oprecht, betrouwbaar en lief is? Bovendien is het ook nog eens goed voor je kroost. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat een huisdier een aangenamer, sociaal competenter wezen maakt van je telg, want:


Positief zelfvertrouwen
Die hond, of dat konijn, moet natuurlijk verzorgd worden. Eten geven, borstelen, naar de dierenarts: het helpt een kind verantwoordelijkheidsgevoel te ontwikkelen en dat geeft een goed gevoel van eigenwaarde. Ook al ben jij als ouder/verzorger waarschijnlijk veel vaker ‘aan de beurt’ dan afgesproken ;)

 

Sneller vrienden

We zeggen het niet voor niks tegen vrijgezellen-die-geen-vrijgezel-willen-zijn: ‘Neem een pup!’, want pups zijn regelrechte magneten. Dat geldt ook voor kinderen: die lopen veel sneller op elkaar af als één van beiden met een dier rondwandelt. Drempels verdwijnen als sneeuw voor de zon.

 

Geborgenheid
Wie wil er nu geen vriend die onvoorwaardelijk van je houdt? Waar je al je angsten, verdriet en vreugde bij kwijt kunt zonder dat je bang hoeft te zijn dat de halve buurt het morgen weet?

 

Minder online, meer offline

Die kat laat zichzelf wel uit, de hond daarentegen, daar moet je mee aan de wandel. Ergo: minder Fortnite, en meer buiten spelen. Sowieso vraagt een dier natuurlijk aandacht (knuffelen! spelen!) dus de ‘schermtijd’ wordt al snel minder. Ik zeg ‘win-win’.

 

Vooruitziende blik

Het moge duidelijk zijn: ik ben groot geworden met huisdieren en blijkbaar had er iemand een vooruitziende blik want zelfs op mijn geboortekaartje sta ik al met een viervoeter: een teckel.

Die teckel is er nooit gekomen, wel andere honden, en natuurlijk katten. En hamsters, en konijnen, en grasparkieten. Ik zou nu denk ik niet meer kiezen voor een dier in een kooi, maar dat is een ander onderwerp. 

 

Afscheid nemen

Mijn Lief heeft zijn achterstand ondertussen aardig ingehaald: met mij kreeg hij toentertijd twee poezenbeesten in zijn leven, het was een ‘package deal’. Net als ik, weet ook hij nu hoe het is om afscheid te moeten nemen van zo’n klein groot vriendje. Dat is gruwelijk verdrietig, maar het is net als met mensenliefde: zou je alle mooie momenten gemist willen hebben? Vast niet. Het zal ons er dus ook nooit van weerhouden om ons hart open te stellen voor een ander beestje.  

Reacties (0)

Wanneer ik op straat loop, zie ik elke hond en kat. Stuk voor stuk vind ik ze leuk en lief. Dat is niks nieuws. Volgens de overlevering loop ik mijn hele leven al op elk dier af, of het nu een schattige Labradoodle pup is of een stoere Rottweiler. Vroeger wilde ik dierenarts worden. Helaas kwam daar wiskunde bij kijken. Achteraf heeft het misschien zo moeten zijn. Alle verdriet die die er onvermijdelijk bij hoort, ik kan er niet mee omgaan.

Elke dag in tranen

Dat bleek opnieuw toen ik als social media consultant voor Dierenbescherming Limburg werkte. Wekelijks was ik op (regionale) televisie met een ‘in het zonnetje’ hond: honden die al lang in het asiel zaten en zo graag hun eigen thuis wilden. Maar ook kittens die gedumpt waren. De asielen zaten en zitten overvol en ik wilde ze allemaal wel meenemen. Oud, ziek, aangereden en mishandeld, alle dieren hebben een verhaal. Ik was elke dag in tranen, stond ermee op en ging ermee naar bed. Na een half jaar ben ik gestopt.

‘Loslaten’, hoe dan?

En ja, natuurlijk moet je kijken naar de goede dingen: de dieren die je redt, die je helpt, je doet per slot van rekening iets goeds wat broodnodig is. Maar dat ‘loslaten’ waar iedereen het over heeft? Ik weet écht niét waar die knop zit. Het is één van de redenen dat ik zoveel waardering heb voor de mensen die dat soort werk doen. 

Rossana Kluivert

Met bewondering volg ik mensen als Rossana Kluivert. Zij heeft op Curaçao het ‘Dog Rescue Center’. De ellende waar zij mee geconfronteerd wordt... Ik huil al bij het zien van de foto’s. Rossana huilt ook weleens, maar het weerhoudt haar er niet van om elke dag door te gaan. Zij kijkt naar alles wat ze wél bereikt: elke dag een stapje. 

Geen gastgezin

Toen ik besloot een nieuw thuis te zoeken voor Odie werd één ding heel snel duidelijk: ik hoef mezelf niet op te geven als ‘gastgezin’. Ik vind bijna niemand goed genoeg, én ik zou ze domweg niet kunnen laten gaan. Elke keer tranen in plaats van blijdschap. 

Als iedereen nu eens een beetje doet

Gelukkig kan ik tóch mijn steentje bijdragen, als donateur én door de dieren die bij mij zijn alle liefde en zorg te geven. Niemand kan alle dieren redden, maar als iedereen één dier zou redden? Wow, wat zou de wereld er dan mooi uitzien...

P.S. Met Odie gaat het, net als met Mr. Garfield, uitstekend! 

Reacties (0)

Sylvia (1973). Geboren in het Gooi, wonend en werkend in het Heuvelland van Zuid-Limburg. Getrouwd met de liefde van haar leven, voor wie ze tien jaar geleden naar het Limburgse is verhuisd. Hij is ondernemer met een bedrijf in het zuiden, dus verhuizen was voor hem geen optie. Op deze plek en op haar eigen website sylvia.nl vertelt ze over haar leven. Sylvia neemt zichzelf niet heel serieus en niet alle mensen begrijpen haar humor, wat regelmatig tot allerlei vermakelijke misverstanden leidt.

Archief

2019
2018
2017