Moeder Jeanne, zus Jeanne en echtgenote Ineke maken de man!

Zonder zijn Ineke was hij verloren, daar kan hij kort over zijn. ‘Mijn steunpilaar’ noemt pianist/cabaretier Mike Boddé (52) zijn vrouw. Ze is liefdevol, maar ook doortastend, net als zijn moeder.

Article continues after the ad

MOEDER JEANNE STOCK

‘In mijn dromen leeft ze nog. Laatst zei ik in zo’n droom tegen haar: “Nou moet je me toch eens vertellen, ben je nou dood of ben je er nog, want nu zit ik weer met je te praten, ik snap het allemaal niet meer”. Kennelijk ben ik in mijn onderbewuste nog steeds in verwarring en kan ik me niet voorstellen dat ze er niet meer is. Dan word ik heel verdrietig wakker. Overdag kan ik het allemaal redelijk hanteren, maar ’s nachts dus niet.

Vorig jaar is ze overleden, eigenlijk heel plotseling, ik was er niet bij, want ik lag in het ziekenhuis voor een galblaasoperatie. Toen ik bijkwam uit de narcose kreeg ik te horen dat ze was gestorven. Een enorme schok. Ze was weliswaar 87 en ernstig ziek, maar voor ons gevoel is ze er toch nog onverwachts tussenuit geglipt. Ik had met haar afgesproken dat ze mij, na haar dood, een teken zou geven als er toch “iets” was; dat zou gebeuren via haar lievelingsbloem, het viooltje. Tot dusver heb ik niks gezien.

'Terugkijkend kun je wel zeggen dat mijn moeder een zwaar leven heeft gehad'

Ik had een heel vertrouwelijke, heel goede band met haar. Toen ik op mijn 24ste zwaar depressief werd, ben ik teruggegaan naar het ouderlijk huis. Drieënhalf jaar heb ik daar gewoond. Beide ouders hebben me toen erg geholpen. In de tijd dat ik weer tijdelijk thuis woonde, is mijn oudste broer op zijn 45ste aan kanker overleden. Terugkijkend kun je wel zeggen dat mijn moeder een zwaar leven heeft gehad, bijna tot aan het eind, want toen heeft ze nog tot zijn dood voor mijn vader met alzheimer gezorgd.

Heel fijn was, dat mijn ouders een dijk van een huwe­lijk hadden. Dat heeft haar gered; ze waren 72 jaar samen en vormden een stevige burcht. Ze waren heel jong getrouwd, want mijn moeder raakte in haar laatste hbs-jaar zwanger van mijn vader, die ze al vanaf haar veertiende kende. Een moeilijke start: te jong getrouwd, te jong een kind, te weinig geld, geen eigen huis, maar ze hebben het gered. En met glans.

'Met mij sprak ze liever niet over geloofskwesties, omdat ik daar heel kritisch tegenover sta'

Mijn moeder heeft altijd veel kracht geput uit haar geloof, ze was remonstrants, een prettig, liberaal geloof, waaraan ze ook praktisch uiting gaf door deel uit te maken van de kerkenraad. Ze was ouder­ling, ook bezocht ze ouderen en schreef ze voor het kerkblad. Met mij sprak ze liever niet over geloofskwesties, omdat ik daar heel kritisch tegenover sta, maar ik gunde haar dat geloof voor honderd procent.

Ik denk dat mijn moeder het wel jammer heeft gevonden dat ze haar liefde voor archeologie nooit heeft kunnen omzetten in een professionele baan, maar dat weerhield haar er niet van om als amateur aan de slag te gaan. Ik weet nog hoe leuk wij het vonden dat ze af en toe riep: ”Jongens, ik ga graven”. Dan trok ze haar oude kloffie en werk­laarzen aan en ging ze in Heenvliet graven, waar een oud kasteel had gestaan. Mateloos stoer vond ik dat. Na afloop kwam ze vaak thuis met een stel scherven waaruit ze een papkom­metje of zoiets reconstrueerde.

'Wat heb ik vaak in zelfgebreide truien moeten lopen; niet altijd voor mijn plezier'

Soms belde mijn zus, die in Leiden studeerde: “Kom gauw, mam, ze breken hier een oud gebouw af”. Daar ging mijn moeder dan direct op af. Andere hobby’s waren knutselen en breien. Ze was heel handig, heeft een heel poppenhuis inclusief elektrische bedrading in elkaar gezet. En ze breide truien. Wat heb ik vaak in zelfgebreide truien moeten lopen; niet altijd voor mijn plezier, want dat waren natuurlijk geen modieuze merktruien. Op school werd ik er weleens mee gepest.

Nu heb ik nog één trui van haar, die draag ik als het heel koud is, een fijne, warme trui van mijn moeder. Dat past precies bij haar karakter: een sterke, warme, liefdevolle, empathische en humoristische persoon, maar tegelijk nuchter, slagvaardig en doortastend als het nodig was. Daarmee heeft ze ons gezin door zware tijden gesleept.’

ZUS JEANNE

‘Van alle kinderen in ons gezin stond zij vroeger het dichtstbij me, ook al was ze tien jaar ouder. Ze vond het heerlijk om nog zo’n jong broertje te hebben. Tot op de dag van vandaag hebben we een heel warm contact, we kunnen ein­deloos ouwehoeren. Vroeger stopte ze me allerlei boeken toe, ze studeerde Engels en bracht vanuit Leiden altijd boeken mee naar huis, die ik moest lezen. Als jongen van twaalf ging ik bij haar logeren in haar studentenhuis, dan liet ze me alle trekpleisters van Leiden zien, de Burcht, de hofjes en het Boerhaave-museum.

'Mijn zus en ik kunnen eindeloos ouwehoeren'

Als kleine jongen voel je je vereerd en opgetild met zo’n zus. Ik mocht zelfs mee op vakantie, als zij en haar vriend naar Zwitserland gingen. Dat zullen niet veel zussen doen, zo’n vijfde wiel aan de wagen meeslepen. Op het ogen­blik zien we elkaar extra vaak omdat we met zijn drieën - mijn broer, mijn zus en ik - het huis van mijn moeder leegruimen. We hebben de afspraak dat niemand daar alleen heen gaat, veel te ver­drietig om daar in je eentje te bivakkeren, dat doen we samen.

Jeanne is bang geweest om me te verliezen toen ik zo depressief was. Ik viel in die tijd enorm af, ze dacht echt dat ik, na mijn oudste broer, ook dood zou gaan. Dat ze daar zo onder geleden heeft, vind ik heel akelig. Nu hebben we een vrolijke en warme relatie. Af en toe gaan we samen op vakantie, zo hebben we vorig jaar een wandeltocht in Duitsland gemaakt. We hebben hetzelfde gevoel voor humor, zijn beiden anglofiel en sturen elkaar bijvoorbeeld filmpjes van French & Saunders, daar zijn we allebei dol op. Ik weet zeker dat onze relatie altijd hecht zal blijven.’

ECHTGENOTE INEKE VAN KLINKEN

‘Zonder mijn vrouw zou ik verloren zijn, zij is de steun­pilaar in mijn leven. Haar rustige, nuchtere aard is heel goed voor mij, omdat ik emotioneel en wisselvallig ben. Dat heeft veel te maken met mijn bipolaire stoornis, die gelukkig goed onder controle te houden is met antidepres­siva, die ik mijn hele leven moet slikken.

Maar ik mag niet al mijn minpunten toeschrijven aan die stoornis. Ik ben ook gewoon lui en slordig, waardoor al onze finan­ciële zaken op Ineke’s schouders terechtkomen. Maar ik werk hard en draag financieel behoorlijk bij aan onze huishouding, dat dan weer wel. Wij ontmoetten elkaar toen we half twintig waren; drie maanden hebben we toen iets gehad, maar het ging uit, wat vooral te maken had met mijn opkomende depressie. Toen we elkaar tien jaar later weer tegenkwamen, was het gelijk, patsboem, weer aan. En toen blijvend.

'Zij is de spil in ons gezin'

Ineke is een heel goede zangeres, een lyrische sopraan, die elf jaar in grote musicals als My Fair Lady, Evita en Phantom of the Opera heeft gestaan. De laatste tijd doet ze dat niet meer, want ze heeft drie hernia’s gehad. Maar ze heeft haar carrière ook tijdelijk in de ijskast gezet voor mij, wat echt een offer is.

Zij is de spil in ons gezin met twee kinderen, twee honden en een kat. Daarnaast diri­geert ze een koor, geeft ze zanglessen, schrijft ze een boek over een oudtante en zet ze samen met haar broer een cursus op, waar zangers en zangeressen leren hoe ze auditie moeten doen.

'Met Ineke optreden voelt als een uitje'

Ik werk op het ogenblik aan een soort tweemans-musical voor ons beiden. Lijkt me heel fijn om weer met haar op het podium te staan, we hebben dat eerder gedaan en het voelde als een uitje. Zeven jaar geleden zijn we officieel getrouwd, waarna ze mijn ach­ternaam achter de hare heeft gezet. Enerzijds verbonden­heid met mij, anderzijds een vrouw-van-zichzelf. We vonden het leuk om onze relatie te bezegelen, eens hardop in het openbaar te zeggen dat we bij elkaar horen. Het was helemaal leuk dat onze kinderen dat bewust konden meemaken.

Ik ben niet gemakkelijk om mee te leven, dat besef ik heel goed, het is elke dag weer afwachten hoe de vlag erbij hangt, ik kan buiig zijn, de ene keer veel positiever dan de andere. Soms begrijpt Ineke bepaalde dingen van mij niet. Zoals wanneer ik een cd opzet die me herinnert aan mijn overleden broer, waardoor ik ineens vreselijk ga zitten huilen. Intens emotioneel ben ik dan.

Voor onze kinderen is dat ook wel lastig, maar gelukkig hebben zij die lieve, gelijkmatige moeder, die hun eindeloos gedul­dig alle delen van Harry Potter heeft voorgelezen. Zou ik nooit gekund hebben. Juist omdat zij haar talent voor mij tijdelijk geparkeerd heeft, is er mij veel aan gelegen haar weer op het podium te krijgen. Ik zie dat ze daar heel erg naar verlangt, daar doe ik dus echt mijn best voor.’

MIKE IN 30 SECONDEN

Mike Boddé (Rotterdam, 1968) is pianist en cabaretier. Hij ging naar het conserva­torium, maar studeerde ook Chinees in Leiden. Na die studie ging hij samen met studiegenoot Thomas van Luyn cabaret maken. In 1991 wonnen ze het Groninger Studenten Cabaret Festival en daarna ook het Amsterdams Kleinkunst Festival. Ze gingen verder als Ajuinen en Look, maar door hevige depressies was Boddé enkele jaren niet in staat op te treden.

Na zijn genezing keerde hij terug als soloartiest. Over zijn depressie schreef hij het boek Pil. Bij het grote publiek werd hij bekend door zijn optreden in het tv-programma Kopspijkers en door De Mike & Thomas Show met Van Luyn. Vanaf 2015 is hij de vaste pianist in Podium Witteman. Onlangs bracht hij daar zijn sympathieke Coronalied.

Foto's (c) ANP, privébezit Mike Boddé. Deze reportage heeft eerder in de printeditie van Nouveau gestaan (c) DPG Media / Nouveau 2020

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in