De vriendschap tussen Lisa en Heleen (49) wankelde altijd al een beetje onder rivaliteit. Maar uitgerekend met Lisa’s man Jochem is Heleen een serieuze affaire begonnen…

‘Toen Lisa me snikkend vertelde dat Jochem een ander had, was ik met stomheid geslagen. Maar goed ook, want voor hetzelfde geld had ik er iets uitgegooid als: “O, het spijt me zó, ik kon er niets aan doen, het gebeurde vanzelf”, dat soort clichés, dat in ons geval nog eens ver van de waarheid af ligt ook. Het spijt me namelijk niet, niet echt tenminste, en het gebeurde zeker niet vanzelf – hoe kan zoiets vanzelf gebeuren? Maar dat hoeft Lisa al helemaal niet te weten, ook zonder de waarheid is de werkelijkheid al hard genoeg. Gelukkig had ik snel door dat Lisa alleen maar sterke vermoedens had dat er iemand anders was, ze had geen flauw idee wie die ander was - pfff…

Article continues after the ad

Ik toonde me van mijn meest meelevende kant. Vanuit oprechte vriendschap. Ja, ik besef hoe ongeloofwaardig dat klinkt. Het verbaast mij zelf ook dat ik me nog altijd een vriendin van Lisa durf te noemen. Maar blijkbaar legt mijn gevoel geen verband tussen mijn vriendschap met Lisa en mijn affaire met haar man. Als ik met Jochem ben, ben ik met mijn geliefde, niet met de man van Lisa. Als ik met Lisa ben, ben ik met mijn vriendin, niet met de vrouw van mijn geliefde. De psychologie heeft er vast een goede term voor, maar voor mij is het gewoon de enige manier om positieve gevoelens positief te houden. Mijn vriendschapsgevoelens voor Lisa en mijn liefde voor haar man Jochem zijn puur. Die wil ik niet laten vertroebelen door schuldgevoelens, jaloezie en boosheid.

Maar eerlijk is eerlijk, mijn medeleven was er natuurlijk ook op gericht om uit te vissen wat Lisa wist en hoe ze aan haar informatie was gekomen. Jochem en ik zijn namelijk extreem voorzichtig. Al vanaf de eerste kus hebben we tegen elkaar gezegd: “Wat er ook gebeurt, Lisa mag het niet weten.”

We plegen hoogverraad, daarvan zijn we ons terdege bewust. Haar man en haar beste vriendin… pijnlijker kan gewoon niet, daar zal iedere vrouw het mee eens zijn. Maar het opbiechten, zou Lisa zo mogelijk nog erger kwetsen. Het zou oude wonden genadeloos openrijten. Wonden die ik, in een ander tijdperk weliswaar, heb veroorzaakt en die pas zijn gaan helen nadat Lisa Jochem had ontmoet en zij zich ervan had vergewist dat ik geen roet in het eten zou gooien.  

Want ja, zo was ik. Ik was echt wel een goede vriendin van Lisa, maar ik was ook iemand die altijd de leukste en de knapste gevonden wilde worden. De knapste was ik wel, daar had ik Lisa misschien onbewust op uitgezocht. Lisa was best een leuke verschijning, daar niet van, maar ze leek zich altijd een beetje te verstoppen. Haar make-up, kleding, houding, kapsel; ze was in alles een grijze muis. Ik was het tegenovergestelde. Net zo onzeker, maar ik stelde juist alles in het werk om gezien te worden, om bevestigd te worden… Naast Lisa viel ik op, dat kon niet anders. Als ik met haar ergens binnenkwam, richtten alle mannelijke ogen zich direct op mij. Daardoor had ik altijd de eerste keus. Lisa kon het doen met de minder aantrekkelijke vrienden van mijn veroveringen. En had Lisa een keer de aandacht van de leukste man van het stel, dan was ik zo jaloers dat ik ogenblikkelijk al mijn charmes inzette om hem bij haar weg te kapen. Het interesseerde mij niet of ze hem echt leuk vond of niet. Mij interesseerde alleen mijn ego, dat voortdurend gestreeld wilde worden. Dat die onuitstaanbare gewoonte van mij tot veel verdriet en grote ruzies leidde, hoef ik, denk ik, niet uit te leggen. Toch heeft die nooit tot een definitieve breuk geleid. Onze vriendschap was ons uiteindelijk meer waard dan alle mannen bij elkaar. Totdat Jochem zijn intrede deed…

Wat een leuke man!

We waren achter in de twintig toen Lisa hem aan mij voorstelde. Lisa woonde en werkte op dat moment in New York en ik was voor het eerst bij haar op bezoek. Ze had Jochem enkele maanden eerder ontmoet, op haar eerste werkdag bij een groot reclamebureau. Ze was over haar eigen voeten de lift binnen gestruikeld en hij had haar opgevangen. Van de schrik had ze zich in het Nederlands verontschuldigd. “Geen probleem,” had hij, eveneens in het Nederlands, geantwoord. Dankzij zijn brede lach waren alle zenuwen in één klap uit haar lichaam verdwenen. “Ik wist meteen dat ik die man niet meer moest laten gaan,” had ze me geschreven. Verder had ze zich nauwelijks over hem uitgelaten. Alles wat ik wist, was dat hij fotograaf en grafisch vormgever was en dat hij flink aan de weg timmerde in New York. Toen ik hem zag, bedacht ik me dat Lisa zich waarschijnlijk opzettelijk op de vlakte had gehouden. Wat een leuke man!

Maar, inmiddels ouder, wijzer en kalmer geworden én verwikkeld in een serieuze – en desastreuze, maar dat wist ik toen nog niet – relatie, hield ik me in. Toch moet iets in mijn blik Lisa zijn opgevallen, want zodra Jochem zijn aandacht even op iets anders richtte, beet ze me toe: “En je blijft van hem af!” Het kwam uit de grond van haar hart. Ik keek haar ongelovig aan. Maar haar vuurspuwende ogen en op elkaar geklemde tanden maakten me duidelijk wat ik al voelde: dit was geen grapje. Ik diende deze waarschuwing serieus te nemen. En dat deed ik. Ik zat de avond braaf uit en na afloop zei ik dat ik Jochem een heel aardige man vond, maar, voegde ik er in een onhandige poging de boel wat te verluchtigen aan toe, “gelukkig niet mijn type”. Er kon geen lachje af. Zo diep zat de pijn dus.

Alles is anders

Ongeveer vijf jaar geleden zijn Lisa en Jochem, met hun drie zoons, weer in Nederland komen wonen. Lisa en ik zien elkaar sindsdien weer geregeld. Helemaal als vanouds is het niet, want we zijn allebei behoorlijk veranderd. Van de grijze muis die Lisa ooit was, is niets meer over. Met de jaren is zij alleen maar zelfverzekerder en mooier geworden. Niet verwonderlijk, want al haar dromen zijn uitgekomen. Ze heeft een geweldige carrière en een fantastisch gezin. Voor mij is het leven veel meer een worsteling geweest. Sinds het stuklopen van die eerdergenoemde relatie sta ik er alleen voor met mijn twee kinderen en moet ik hard werken om de eindjes aan elkaar te knopen. Ik ben zeker niet ongelukkig, maar wel vaak uitgeput, waardoor ik lang niet zo stralend door het leven ga als Lisa. Of gíng, kan ik beter zeggen. Want sinds de dag dat ik Jochem onverwacht tegen het lijf liep, is alles anders…

Het gebeurde toen ik voor de ik-weet-niet-hoeveelste keer een poging ondernam om een rondje door het bos te rennen. Iedereen om me heen deed het, dan moest ik het toch ook kunnen? Ik was nog geen honderd meter op weg of ik zag naast me een bekend gezicht opdoemen. Jochem. Met een enorme vaart en soepele tred rende hij me voorbij.

“Hé, Jochem!?” riep ik hem verbaasd na.

“Jij hier?”

Hij draaide zich om en keek geamuseerd. “Dat kan ik beter aan jou vragen. Ik ren hier elke dag. Jou heb ik nog nooit gezien.”

Schoorvoetend gaf ik toe dat het mij inderdaad vaak aan de energie ontbrak, maar dat ik dolgraag iets aan mijn waardeloze conditie zou willen doen. Zijn reactie verraste me. “Ja, ik kan me voorstellen dat dat voor jou lastig is. Het moet behoorlijk pittig zijn, zo in je eentje. Mijn respect heb je.”

“O, echt? Wat lief van je,” zei ik blozend.

“Als je wilt, kan ik je wel een beetje op gang helpen,” bood hij vervolgens aan. “Laten we zeggen op maandag, woensdag en

vrijdag, acht uur? Dan zijn al die jongens van ons naar school en als we het efficiënt aanpakken, kunnen we nog op tijd aan het werk ook.” Ik was helemaal flabbergasted. Wat een ontzettend genereus aanbod. “Jeetje, ik weet niet wat ik moet zeggen. Dat gaat dan wel ten koste van jouw sporttijd, want ik ben een kruk,” waarschuwde ik.

“Dat snap ik,” grijnsde hij, “maar ik heb het graag voor je over.”

Zelf realiseerde hij het zich, denk ik, nog niet, maar toen hij dat zei, was het voor mij zonneklaar: dit was het begin van een verhouding. Ik had in kunnen grijpen en zijn aanbod kunnen afwimpelen. Maar dat deed ik niet. Ik was zo verschrikkelijk toe aan wat liefde en aandacht. En Lisa hoefde het tenslotte niet te weten…

Dat was dus ook het eerste wat we tegen elkaar zeiden toen het rennen overging in vrijen: “Lisa hoeft het niet te weten. Sterker nog: Lisa mag het niet weten.”

In de eerste plaats natuurlijk omdat we van haar houden en haar niet onderuit willen halen. Maar daarbij: wat Jochem en ik samen hebben, is van ons. Daar heeft niemand iets mee te maken, ook Lisa niet. Waardoor Lisa toch argwaan heeft gekregen, is me tot op heden niet duidelijk. Ze zei dat Jochem zich anders gedroeg, maar Jochem ontkende dat stellig. Ik gooi het daarom maar op haar vrouwelijke intuïtie, die kennelijk feilloos werkt. Maar dat heb ik haar maar niet gezegd…’

Foto (c) iStock. Deze aflevering van Openhartig verscheen eerder in de printeditie van Nouveau. 

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in