Twee jaar geleden kwam Irene (60) voor een onaangename verrassing te staan: haar man bleek een zoon te hebben uit een eerdere relatie. Het geheim legde een bom onder hun huwelijk. 

“Ik ontmoette René toen ik 24 was. Ik kwam uit een gewelddadige relatie, die grote impact op mij had. René was mijn rots in de branding. Hij ving me op, toonde zich betrouwbaar, altijd, en omringde me met zo veel zorg dat ik het vertrouwen in mezelf en in de liefde terugvond. Hoewel ik op mezelf woonde, zat ik haast continu bij hem. Na een ingewikkelde jeugd – mijn ouders zijn vroeg overleden, de tante bij wie ik in huis kwam, was ik overduidelijk tot last – had ik het gevoel dat ik eindelijk mijn geluk had gevonden. Wat mij betreft, konden we niet snel genoeg de volgende stappen zetten; trouwen, kinderen, ik wilde het allemaal.

René was terughoudender. Niet omdat hij twijfelde aan onze relatie, zei hij; ik was de vrouw van zijn leven. Maar we hadden toch de tijd? Zeker met kinderen wilde hij liever nog een tijd wachten. Gesprekken over dit onderwerp verliepen soms wat stroef. Ik kon niet goed peilen hoe hij over een gezin dacht. Op donkere momenten vreesde ik dat hij me aan het lijntje hield. Wat was ik blij toen hij na ruim twee jaar op z’n knieën ging en direct voorstelde dat ik met de pil zou stoppen. Op onze huwelijksdag hebben we mijn resterende pillen symbolisch door het toilet gespoeld. Ik stond erbij te juichen. 

Achteraf, nu ik alles weet, heb ik eindeloos gepiekerd of ik indertijd dingen heb gemist die ik wél had moeten opmerken. Maar ik ging zo op in mijn eigen toekomst­dromen, dat ik minder met René bezig was. Hij had ja gezegd tegen ­kinderen, dat was het belangrijkste. Verder fantaseerde ik erop los, breide ik sokjes en verfde ik voorbarig de kinderkamer al. Gelukkig hoefden we niet lang te wachten tot het raak was. Ik was dolblij, belde René en ratelde zo door, dat ik me niet herinner wat zijn reactie was. Wat ik nog wel weet, is dat hij de hele zwangerschap weliswaar goed voor me zorgde en trouw meeging naar elk ziekenhuisbezoek, maar dat hij toch een bepaald enthousiasme miste. ‘Jij draagt ons kind,’ zei hij, als ik erover begon. ‘Mijn taak komt straks pas.’ En tja, dat was waar natuurlijk. Ik besloot het niet groter maken dan het was. En dat hij vaak slecht sliep in die ­periode, weet ik aan de zenuwen voor alle veranderingen. Toen onze zoon geboren werd en René hem voor het eerst vasthield, zag ik de tranen over zijn wangen stromen. Het spatte eraf dat hij zielsveel van ons kind hield. Hij ontpopte zich als de ideale vader. Destijds was het minder gebruikelijk dan nu dat mannen nauw betrokken waren bij de verzorging van baby’s, maar René stond elke nacht voor hem op en verschoonde fluitend zijn luiers. Zo kende ik mijn sterke echtgenoot weer en zijn eerdere terug­getrokken houding vergat ik. 

‘Ik was woedend; anderen wisten het dus wel!’

Later kregen we nog twee kinderen. Grote tegenslagen zijn ons bespaard gebleven, we vormden een hartstikke leuk gezin. Ook René en ik bleven hecht, ondanks zijn drukke baan en vele zakenreizen. Ik had nooit kunnen denken dat hij al die tijd een geheim voor mij achterhield. Hij was mijn geliefde, maar ook mijn beste vriend. Er was niemand die ik zo vertrouwde.
Ik kon het dan ook niet geloven toen ik zo’n twee jaar geleden werd gebeld door een man die beweerde een zoon van René te zijn. Het was op een maandagavond. René zat in het buitenland. Onze kinderen waren allang het huis uit en hoewel ze nog ­geregeld thuiskwamen, was ik nu alleen. Ik keek naar Spoorloos. En juist toen, toen hoorde ik deze stem voor het eerst. ‘Ik heb er lang over getwijfeld of ik je zou bellen,’ zei de man. ‘René wilde het niet, hij wilde jou zelf inlichten. Maar ik wacht daar nu al veel te lang op. Mijn geduld is op. Ik wil mijn halfbroer ontmoeten, mijn halfzussen. Dus vanavond heb ik besloten gewoon de telefoon te pakken.’ 

Verdwaasd luisterde ik naar zijn stem, te erg in verwarring om iets te zeggen, te ­denken of te voelen. De man, Nico, bleek een paar jaar ouder dan mijn oudste zoon. Als het waar was wat hij zei, moest hij ­geboren zijn vlak voordat ik René ­ontmoette. Hij was opgegroeid bij zijn moeder, ­vertelde hij. Zij en René kenden elkaar nog maar net toen zijn moeder per ongeluk zwanger raakte. Hoewel er geen sprake was geweest van verliefdheid, hadden ze toch ­geprobeerd om er samen iets van te maken. Maar het liep niet. Het was Nico’s moeder, een vrijgevochten type, die er een punt achter zette. Ze was toen bijna zeven maanden zwanger. Doordat ze niet getrouwd waren en de ­moeder niet wilde dat hij het kind zou erkennen, had René geen poot om op te staan. Twee keer had hij op bezoek mogen komen na de bevalling, wist Nico te ­vertellen. Vanaf toen had zijn moeder al het contact gedwarsboomd, gewoon omdat ze er zelf geen zin meer in had. 

Pas op zijn twintigste had Nico gehoord wie zijn vader was. Hij had René op zijn werk gebeld. Sindsdien zagen ze elkaar zo nu en dan; inmiddels ruim veertien jaar. Al die tijd had mijn man dit voor mij verzwegen. Ik schoot in de overlevingsmodus. Nuchter stelde ik gerichte vragen, feiten over René die Nico alleen kon weten als hij inderdaad al jarenlang contact met hem had. Al snel kon ik er niet omheen. Mijn man, die ik ­vertrouwde alsof hij een deel van mezelf was, had al die jaren dat ik hem kende een groot geheim voor mij bewaard. Hoe kón hij? En waarom, in hemelsnaam?

Die nacht heb ik niet geslapen. René bellen, dat wilde ik niet, dit was niet iets wat je via de telefoon bespreekt. Twee dagen later kwam hij thuis. Toen ik René confronteerde met het telefoontje, begon hij te stamelen en daarna te huilen. Van mijn sterke man was ineens niets meer over. Haperend ­vertelde hij alles. Hoe hij verschrikkelijk zat met het verlies van zijn nog ongeboren kind op het moment dat hij mij ontmoette. Het was te pijnlijk geweest om erover te praten, hij had zó het gevoel dat hij gefaald had. Bovendien voelde hij dat ik een ­stabiele man nodig had. Een man die mij erdoorheen zou trekken. Die rol had hem geholpen zijn eigen gevoelens te vergeten. 
Natuurlijk had hij zich schuldig gevoeld dat hij iets voor mij verborg. Maar toen het zwijgen eenmaal was begonnen, viel dat niet meer te doorbreken. Tijdens mijn ­zwangerschap had hij zwaar onder ­spanning gestaan. Het gemis van zijn eerste kind kneep zijn keel dicht. Toen onze baby er was, had hij besloten voorgoed zijn mond te houden, hoe laf hij dat ook van zichzelf vond. Maar de angst om mij en onze zoon kwijt te raken, was voor hem ­onoverkomelijk. Diezelfde angst speelde op toen Nico ­contact zocht. Hij was te rade gegaan bij zijn zus en bij een paar vrienden, die altijd al op de hoogte waren geweest. 

Toen ik dat hoorde, werd ik woedend; ­anderen wisten er dus wél van. Maar ik niet. O, wat voelde ik me stom. Die nacht lag ik verstijfd naast hem. Ik kon niet meer met hem praten, zo kwaad was ik. Toch wist ik toen al dat ik hem hierom niet zou verlaten. Al moesten we er weken, maanden of zelfs jaren voor uittrekken, ik zou knokken om begrip voor hem te krijgen en het ­vertrouwen tussen ons te herstellen. Een leven zonder René zag ik niet voor me en hoewel er dus altijd een leugen als een bom onder onze liefde had gelegen, wilde en kon ik niet geloven dat onze hele relatie een leugen was. Met eindeloos praten zijn we er inderdaad uitgekomen. 

Het telefoontje van  Nico naar mij heeft een tijdje voor een flinke knauw in het contact gezorgd tussen vader en zoon. Maar ook dat is goed gekomen. En toen onze kinderen alles hoorden en van de schrik bekomen waren, stonden ze open voor een ­ontmoeting met hun halfbroer. Ook ik zag Nico op dat moment voor het eerst. Het was ­confronterend, want ze lijken erg op elkaar, René en zijn oudste zoon. Dat deed pijn, absoluut. Maar inmiddels heb ik Nico in mijn hart gesloten. Zijn kinderen, die wel eens meekomen als hij op bezoek komt, maken mij ook een beetje oma en daar geniet ik van.

Mijn man heb ik vergeven. Wie ik níet vergeven heb, is zijn ex, Nico’s moeder, die overigens niet meer leeft. Als zij niet zo star en egoïstisch was geweest, als zij René niet zo had buitengesloten, dan was alles anders gelopen.” 

De namen in dit artikel zijn gefingeerd.

Toen haar schoonmoeder overleed, ving Joke (49) haar verdrietige schoonvader op. Wat niemand voor mogelijk hield, gebeurde: ze werden verliefd op elkaar.

‘Vorige week was mijn schoonvader jarig. We gingen met het hele gezin naar hem toe. Het zou de eerste verjaardag worden zonder zijn vrouw Mary, die tien maanden geleden overleed.

Mijn schoonvaders grijze lokken waren bruin geverfd, de kleur die ze vroeger hadden. Michel, mijn partner, reageerde verbaasd. “Dit had mam moeten zien zeg,” zei hij. “Hoe kom je hier nou ineens bij?

Zijn vader reageerde afhoudend. “Gewoon, eens wat anders,” zei hij, en liet ons binnen. Hij serveerde taart en koffie, onze jongens kregen frisdrank. We praatten wat. Afgezien van zijn nieuwe look leek alles heel gewoon. 

Het zweet brak me uit

Totdat ik plotseling een vestje zag hangen over een van de eetkamerstoelen. Een blauw gestreept vestje. Míjn vestje. Ik had het al jaren, herkende het uit duizenden. Het leek me onmogelijk dat Michel het niet zou opmerken – en zich zou afvragen hoe dat daar kwam.

Mijn hart schoot een versnelling hoger; als hij erover zou beginnen, moest ik snel met een smoes komen. Sneller dan mijn schoonvader, die vast paniekerig een ander verhaal op zou hangen. Het zweet brak me uit.

Maar Michel zag niets, kletste ontspannen met zijn vader. Na een tijdje opende hij de tuindeuren om te voetballen met onze jongens. Achter zijn rug om greep ik het vestje en propte het in mijn tas.

Het hing daar al drie dagen, sinds de laatste keer dat ik mij een middag vrij had weten te maken om in mijn eentje naar mijn schoonvader Job te gaan. Het was warm geweest in zijn huis, daardoor had ik het meteen bij binnenkomst uitgetrokken.

De rest van mijn kleding volgde kort daarna. In de slaapkamer, waar Job al op bed was gaan liggen. Daar lagen we, praatten we en vreeën we, tot ik terug naar huis moest. Gehaast was ik weggelopen, na nog een laatste zoen in de hal. Weg naar mijn andere leven, naar mijn echte leven.

Naar Michel, met wie ik al meer dan twintig jaar samenwoon en die ik zie als de liefde van mijn leven. Toch zijn er gevoelens voor zijn vader ontvlamd. 

Ik kreeg er echt een familie bij

Ik heb Job altijd sympathiek gevonden. Net als zijn vrouw Mary. Aangezien het tussen Michel en mij al snel serieus werd, duurde het ook niet lang voordat ik zijn vader en moeder ontmoette. Ik was verbaasd dat Michel van die jonge ouders had. Net twintig waren ze, toen Michel was gekomen.

Bij hen thuis ging het er veel losser aan toe dan in mijn ouderlijk huis. Ik was een nakomertje, mijn moeder liep al tegen de veertig toen ze mij kreeg. Tel daarbij op dat ik ben opgegroeid in het oosten van het land en Michel in de Randstad, en het is wel duidelijk dat mijn achtergrond heel anders was.

Mijn schoonouders hielden ook wel van een drankje en het werd weleens drie uur ’s nachts als we daar op bezoek gingen. Dan speelden we Risk, waarbij Michels vader razend fanatiek was en om te winnen soms zelfs balorig vals speelde. Ik moest daar erg om lachen. Het waren hartverwarmende ontmoetingen. Ik had er echt een familie bij. 

Ik heb nooit bijgedachten gehad

Hoe aardig ik Job ook vond – en hoe knap, want dat is hij altijd geweest – ik heb nooit bijgedachten over hem gehad. Dat ik hem aantrekkelijk vond of zo. Natuurlijk niet. Hij was de vader van mijn partner. En de opa van onze kinderen.

Vorig jaar waren mijn schoonouders, beiden net gepensioneerd, op vakantie in Zuid-Frankrijk toen Mary onwel werd. Ze belandde in het ziekenhuis. “Gewoon voor de zekerheid,” vertelde Job ons.

Het zat Michel niet lekker – zijn moeder was altijd zo gezond. Hij overwoog het vliegtuig te pakken. Had hij dat maar gedaan, dan had hij nog afscheid kunnen nemen. De volgende dag belde Job opnieuw. In tranen. Mary was overleden. Zelfs de artsen hadden dit niet zien aankomen.

Verdoofd zijn we met het hele gezin afgereisd, om Job te halen. En het lichaam van Michels moeder. Er volgde een intense week van rouw, veel dingen regelen, een aangrijpend afscheid. Daarna het gat: het besef dat ze echt, voorgoed weg was.

Hij voelde zich eenzaam

Job kwam in de tijd daarna vaak bij ons over de vloer. Zonder baan, en met dat veel te grote huis voor hem alleen, voelde hij zich eenzaam. Natuurlijk zetten wij graag een bord erbij op tafel.

Ook kon hij blijven slapen wanneer hij maar wilde. Dat deed hij regelmatig; hij houdt nog altijd van een wijntje. Daarnaast vond Job het gewoon fijn bij ons. Hij leerde gamen van onze jongens. Daarin was hij net zo fanatiek als vroeger bij Risk.

Hij ving ze op als Michel en ik tot laat moesten werken. Ook vond hij het prettig om in ons huis te klussen. Het gaf hem afleiding van zijn verdriet.

Onze band werd persoonlijker 

Een half jaar geleden verloor ik mijn baan. Daardoor was ik ineens veel meer thuis. De eerste tijd voelde Job zich daardoor opgelaten, hij had het gevoel dat hij mij in de weg liep. Maar ik drukte hem op het hart dat hij zich niet teveel moest voelen.

Ik vond het alleen maar gezellig om niet alleen aan de ontbijttafel achter te blijven als iedereen naar werk of school vertrok. Vaak zaten wij nog lang koffie te drinken. Soms voerden we diepe gesprekken over Mary. Dan weer hielp hij me met een sollicitatiebrief of sprak hij me zelfvertrouwen in wanneer ik ergens op gesprek ging.

Onze band werd persoonlijker. Ik begon hem als vriend te zien. Wanneer die vriendschappelijke gevoelens overgingen in andere gevoelens, gevoelens van verliefdheid, dat durf ik niet te zeggen. Het ging langzaam.

Soms bleven wij samen zitten praten of tv kijken als Michel naar bed ging. Michel vond dat niet erg, hij was alleen maar blij dat het beter met zijn vader leek te gaan. Andere keren deden Job en ik samen boodschappen. We kochten nieuwe kleren voor hem.

Toen ik op een dag eerst naar Job belde, na een afwijzing voor een baan die ik graag wilde, dacht ik wel: “Dat is gek. Waarom bel ik niet eerst naar Michel?” Maar die was toch druk, wist ik. Wij leefden behoorlijk langs elkaar heen. Met Job daarentegen had ik echt contact. 

En toen was daar die zoen 

Bij ons thuis, op de bank, ’s avonds laat. Michel lag een verdieping hoger. Het was een zoen waar we helemaal in verdwenen. Toen glipte Job weg, naar onze logeerkamer, en kroop ik onthutst naast Michel. Totaal in de war.

Dat was Job ook: de volgende morgen vertrok hij toen ons gezin nog zat te ontbijten. Hij mompelde iets over een afspraak die hij vergeten was. Ook zei hij dat het tijd werd om meer op eigen benen te gaan staan.

Twee dagen later belde hij me: we moesten praten, vond hij. Ik reed naar zijn huis, naar “neutraal gebied”, vastbesloten om aan te geven dat we die kus zo snel mogelijk moesten vergeten. Job wilde exact hetzelfde zeggen. Maar we belandden in bed, er was geen houden aan.

Dat je zó verliefd kunt zijn. Zo overweldigend verliefd dat de rest van de wereld volledig oplost; al is de situatie nog zo gecompliceerd, ik had het mij niet kunnen voorstellen. Ik was nog nooit vreemdgegaan, zelfs niet in de verleiding gekomen. Maar na die eerste keer was ik verslaafd. Net zoals mijn schoonvader. 

Wij hebben nu twee maanden een verhouding 

Mijn leven staat totaal op z’n kop. Ik weet dat dit fout is, iets fouters dan dit is haast niet denkbaar. Maar we worden zo naar elkaar toe getrokken…

Sinds die eerste zoen heeft Job nooit meer bij ons thuis geslapen. Hij komt ook minder, zegt tegen Michel dat hij zijn leven weer aan het opbouwen in. Maar ik ga wel naar hem, ten minste drie keer per week.

Omdat ik nog steeds niet werk, heb ik alle tijd – en die tijd besteed ik het liefste aan Job. Michel heeft geen enkel idee wat er speelt, hij is enkel blij dat het beter lijkt te gaan met zijn vader. 

Hij fantaseert over een toekomst samen

Na ons verjaardagsbezoek en zijn verbazing over het geverfde haar van zijn vader, zei Michel in de auto tegen me: “Er is vast een nieuwe vrouw in zijn leven, denk je niet?” Ik knikte en verbeet me.

Hij moest eens weten wie die nieuwe vrouw is. Ik bestierf het van schuldgevoel. Jegens Michel, maar ook jegens Job. Want hoewel we het er niet over hebben, voel ik aan alles dat hij fantaseert over een toekomst met mij.

Kennelijk is zijn liefde zo groot, dat hij daarvoor zelfs de band met zijn zoon en kleinkinderen op het spel wil zetten.

Dat is heftig, vooral omdat het voor mij anders is. Ik ben verliefd, dat zeker: maar ik hou ook van Michel en zal hem en mijn gezin nooit opgeven. Michel is mijn leven, Job is mijn vlucht. Maar hier kan onmogelijk nog een einde aan komen zonder dat er harten worden gebroken.’

De namen in dit interview zijn gefingeerd.

Beeld: iStock

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in

 

Sinds Saskia (55) een nieuwe partner heeft, heeft ze ook de dochter waar ze altijd al naar verlangde. Daar is ze blij mee, maar het strooit tevens zout in de wond die er klaarblijkelijk nog steeds is.

‘Op mijn verjaardag belde ze me op mijn werk. ‘Ga je mee lunchen straks? Ik trakteer!’ Ik nam de spontane uitnodiging van mijn stiefdochter graag aan. Wat leuk dat ze eraan dacht dat ik jarig was en dat ze de moeite wilde nemen om naar me toe te komen!

We troffen elkaar in een cafétje vlakbij. Ze bleek ook nog een cadeautje voor me te hebben. Oorbellen, die perfect bij een bepaalde outfit passen die ik onlangs aan had. Zíj ziet dat soort dingen, zo leuk.

Felicitatie-appje

Maar hierdoor kwam het extra hard aan dat mijn oudste zoon zich er met een felicitatie-appje vanaf maakte. Mijn jongste liet zelfs helemaal niets van zich horen. Aan het einde van de avond belde ik hem zelf, omdat ik zijn stem even wilde horen.

Natuurlijk vatte hij dat op als verwijt en we kregen woorden. Gefrustreerd kroop ik na afloop in bed, boos dat ik niet gewoon blij kon zijn met wat ik wél had gekregen, aan aandacht en attenties. Ik geef nota bene niet eens zoveel om mijn verjaardag!

Maar het warme contact met de stiefdochter die ik sinds anderhalf jaar heb, wakkert gevoelens bij me aan die ik allang een plaats dacht te hebben gegeven.

Gezin viel uit elkaar

Ik kom uit een meidengezin. Ik heb drie zussen en het was altijd een vrolijke boel bij ons thuis. Soms werd het mijn vader te veel, dan vluchtte hij naar zijn werkkamer. Maar hij was stapelgek op ons. Helaas is ons gezin na de dood van mijn ouders, kort na elkaar, uit elkaar gevallen.

Twee van mijn zussen zijn naar het buitenland verhuisd en met mijn jongste zus, die nog wel dichtbij woont, deelde ik altijd al wat minder. Soms hebben we fantastische reünies met z’n vieren, maar de verbondenheid van vroeger, nee, die is er niet meer.

Twee was het maximum

Toen ik Joris leerde kennen en met hem trouwde, hoopte ik met hem net zo’n fijn gezin te stichten als dat waarin ik was opgegroeid. Met een hoop kinderen, voor mijn part vier of vijf.

Als snel bleek dat Joris dat niet zag zitten. Twee was voor hem het maximum. En dat snapte ik ook wel; we vonden allebei onze carrière ook belangrijk en hoe vind je daar nog ruimte voor als je alleen maar aan het zorgen ben?

Ik was net dertig toen ik stopte met de pil. Binnen een paar maanden was het raak. Hoewel ik sociaal wenselijk tegen iedereen riep dat het me niets uitmaakte wat het zou zijn - ‘als het maar gezond was’ - klopte dat niet helemaal. Ik hoopte met heel mijn hart op een meisje. Dat leek mij toch het allerleukste. Ik had ook al meisjesnamen. Voor een jongen was het meer puzzelen.

Maarten werd geboren op een stralende zondag. Ik keek in zijn blauwe ogen en was op slag verliefd. Van een meisje had ik onmogelijk meer kunnen houden, mijn lichaam kon dit sterke gevoel van liefde al nauwelijks aan.

Allemaal positieve voortekenen

Na een paar jaar besloten we voor een tweede kind te gaan. Helaas ging het dit keer niet zo vlot. Ik was me al enige zorgen aan het maken toen ik na ruim een jaar toch over tijd was.

Zo goed als ik mij bij de eerste zwangerschap voelde, zo ziek was ik deze keer. Ik kon zelfs een paar maanden amper werken. Door het grote verschil met de vorige keer, moest het dit keer wel een meisje zijn, meende ik. Mijn buik zag er ook anders uit, en mijn buik en billen werden dikker. Allemaal positieve voortekenen!

Het bleek opnieuw een jongetje 

Ook hem sloot ik direct in mijn hart, toch voelde ik dit keer wel degelijk teleurstelling. Het onmogelijke was gebeurd: ik had een jongensgezin. En dat zou het blijven, want mijn man wilde geen kinderen meer.

In de loop van de jaren hebben we daar nog vaak over gepraat. Want in mijn hart bleef ik naar een dochter verlangen. Af en toe sneed ik het onderwerp aan. Maar mijn man was heel duidelijk: nee.

Ik heb nog getwijfeld of ik zou sjoemelen met de pil. Maar dat stuitte me tegen de borst, een kind moet je met z’n tweeën wensen. En het zou anders weleens een obsessie kunnen worden voor me. Nee, ik moest tevreden zijn met wat ik had.

En dat lukte. Onze jongens zijn geweldig en ik hou zielsveel van ze. Ze zijn net zo sportief als hun vader. Dat bracht ook mij in beweging; toen zij op de latten stonden, kon ik niet achterblijven. We zijn fervente wintersporters geworden. Ook in de zomer gingen we de bergen in. Ik genoot er net zoveel van als zij.

Zo ontzettend op zichzelf

Maar toen mijn jongens in de puberteit waren, begon het toch weer te knagen. Ze waren ontzettend op zichzelf, maakten onvoorstelbaar veel troep, deden niets anders dan gamen op hun kamer en sloten mij buiten. Als we 's avonds zaten te eten, zaten ze continu op hun telefoon.

Het leek in niets op de sfeer die er vroeger bij ons thuis aan tafel heerste. Maar ik verbood mezelf erover te piekeren. Al voelde ik soms wel een steek van jaloezie als een van mijn vriendinnen leuk ging shoppen met haar dochter.

Dan dacht ik vlug aan een andere vriendin, wiens dochter zo dwars was dat ze naar een internaat moest. Je hebt het niet voor het kiezen. En er waren andere dingen om me druk over te maken: mijn huwelijk liep niet meer.

Lege nest-syndroom

Drie jaar geleden zijn Joris en ik uit elkaar gegaan. Onze oudste was toen net het huis uit. Onze jongste was zeventien en bleef bij mij wonen, in ons oude huis.

Ik heb in het eerste jaar na de scheiding veel steun aan hem gehad. Niet met veel woorden, hij is vrij introvert, maar wat hebben wij een series gekeken, samen op de bank. En dan frituurden we samen bitterballen, ’s avonds laat. Zo gezellig.

Dat hield op toen hij ging studeren en het huis uitging. Ik heb veel moeite gehad om mijn draai weer te vinden. In een paar jaar tijd was er zoveel veranderd. Ik kampte echt met het lege-nestsyndroom.

De voldoening die ik uit mijn werk haalde, maakte weinig goed; ik miste het moederen. De overgang en de gedachte dat mijn beste tijd misschien wel achter me lag, speelde ongetwijfeld mee.

Nieuwe liefde

Nu denk ik dat mijn beste tijd juist nog voor me ligt. Ik heb een nieuwe liefde gevonden met wie het klikt op een manier die ik nooit voor mogelijk had gehouden. Bij hem voel ik me echt thuis, geaccepteerd, ik kan volledig tot bloei komen en ben gelukkiger dan ooit.

We hebben het goed voor elkaar: een groot huis, twee zeilboten, en we zijn beiden minder gaan werken om meer van het leven te genieten. Kan niet beter, zou je denken. Maar de dochter van mijn nieuwe liefde strooit zout in de wond die, zo ontdek ik nu, nooit helemaal genezen is.

Ze is een leuke, sprankelende meid van twintig, dol op haar vader – en omdat hij van mij houdt, stond zij ook meteen open voor mij. We hebben een heel leuke band gekregen.

Contact met haar is beter dan met mijn eigen kinderen

Ik geniet ervan als ze bij ons is, en dat is vaak. Ze is altijd vrolijk en vertelt heel veel. Over haar werk, vriendjes, vriendinnen, uitgaan, alles. Zij en ik doen ook geregeld dingen met z’n tweeën, zoals die lunch op mijn verjaardag.

Ik zou daar blij mee moeten zijn, en dat ben ik ook, maar het maakt me tegelijk verdrietig. Eigenlijk is het contact met haar beter dan met mijn eigen kinderen. Die zijn geslotener, minder attent. Ze gaan op in hun eigen leven en hoewel het altijd fijn is om elkaar te zien, laten ze uit zichzelf weinig horen.

Mijn stiefdochter is zo anders. Ik merk nu hoe leuk het is om een meid in huis te hebben. Zij is precies de dochter die ik mij altijd al had gewenst. ‘Wees blij met wat je nu hebt,’ zeggen mijn vriendinnen, maar ik realiseer me steeds wat ik níet heb gehad.

En hoe dol ze ook op mij is, de echte reden dat ze bij ons thuis komt, is haar vader, natuurlijk. En bij haar moeder komt ze nog veel vaker. Bij hun band valt die van mij met haar in het niet. Logisch, en toch voel ik me jaloers.

Als ik zie hoe gemakkelijk zij met elkaar omgaan, denk ik: had ik toch maar een dochter gehad. Misschien was het dom om niet te sjoemelen met de pil. Als ik het over kon doen, zou ik het er toch op gewaagd hebben.’ 

De namen in dit artikel zijn gefingeerd en de personen op de foto zijn niet de personen uit dit verhaal.

Beeld: iStock

Elke week het laatste nieuws ontvangen in je mailbox? Het beste van Nouveau.nl, Máxima en cultuur voor leuke vrouwen met stijl. Schrijf je in