Beter voor de aarde, maar ook écht een lekkerdere wijn in je glas.

Waar je je favoriete fles ook koopt, je ziet ze steeds vaker: biologische wijnen. En ja, je weet heus dat biologisch ‘goed’ betekent. Maar wat maakt een biologisch wijntje nou zoveel beter dan een ‘ouderwetse’ wijn? Een heleboel, zo ontdekten wij.

Wat is biologische wijn nou echt?

Wijn is een natuurproduct gemaakt van vergist druivensap. Dus hoe groot kan het verschil tussen een biologische en een normale wijn nou helemaal zijn? Dat is een denkfout die nog vaak wordt gemaakt, want de verschillen onderling zijn enorm. Eigenlijk hebben biologische wijnen en ‘gewone’ wijnen alleen die basis van vergiste druiven gemeen.

Een biologische wijn wordt namelijk gemaakt zonder het gebruik van kunstmest, pesticiden en chemische bestrijdingsmiddelen. Die worden vaak gebruikt om een goede oogst te garanderen, maar hebben ook verstrekkende gevolgen voor de natuur.

Zuiverder en smakelijker

Landbouwgif trekt diep in de grond, belandt zo in het drinkwater, en is schadelijk voor andere planten, dieren en insecten die allemaal juist zo belangrijk zijn voor de natuurlijke balans van het ecosysteem. Niet alleen vind je sporen van dat gif terug in je wijn, het wordt ook steeds moeilijker om goed gelaagde wijnen te produceren op een steeds kalere aarde.

Biologische wijn is niet alleen goed voor plant en dier, maar heeft ook een aantal hele grote voordelen voor de drinker. In een biologische wijn zitten minder conserveringsmiddelen (sulfieten). Nou is het niet wetenschappelijk bewezen dat je daar hoofdpijn van krijgt trouwens – dat verhaal hoor je vast wel eens – maar een wijn met minder sulfieten is wél een stukje zuiverder en dus smakelijker om te drinken.

De beste kwaliteit

Waar biologische wijnen in uitblinken – en dit is ook meteen het meest overtuigende argument om voortaan alleen nog biologische wijn in huis te halen: biologische wijnen zijn vaak van hogere kwaliteit dan andere wijnen.

De druiven werken extra hard om gezond te blijven, en dat proef je echt. De druiven die biologisch worden geteeld, zijn beter in evenwicht en hebben vaak mooiere zuren. Nu de aarde opwarmt, bevatten druiven steeds meer suikers. Daar moet wel iets zuurs tegenover staan om een beetje de balans te bewaken. Gevolg: biologische wijnen zijn vaak meer in balans dan traditionele wijnen. En scoren bij smaakbeoordelingen ook vaak hoger dan hun niet-biologische tegenhangers.

De beste druif geeft de beste wijn

Een fijn voorbeeld van een goed biologisch wijnhuis is het in Nederland opgerichte en in Spanje opererende Neleman. Op hun wijngaarden in Valencia laten ze naar hartenlust druiven groeien die altijd al op die plek hebben gegroeid. Zij kiezen er heel bewust voor niet de populairste druifsoorten te planten, maar druifsoorten die het op een bepaalde plek goed doen lekker hun gang te laten gaan. Gevolg: meer biodiversiteit en een gezondere planeet.

Het druivenras verdil bijvoorbeeld, stond op het punt van uitsterven. Neleman herstelde het in ere en maakt er prachtige blends mee. Hun filosofie is simpel: de beste wijn maak je van de beste druiven. En de beste druiven zijn wat Neleman betreft altijd biologisch geteeld.

 

Nieuwsgierig naar de wijnen van Neleman? Als lezeres van Nouveau krijg je nu 25% kennismakingskorting op je eerste bestelling via deze link.

Neleman: heerlijk biologisch

Neleman is sinds 2014 uitgegroeid tot een van de grootste online wijnverkopers van Nederland. Niet zo gek ook: hun wijnen, die ze zelf maken, worden hoog gewaardeerd en zijn niet duur én ze zijn allemaal biologisch. Dat is beter voor de wereld, maar ook voor jezelf, omdat er geen gif gespoten is in de wijngaard en er geen kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen worden toegevoegd. Je vindt de wijnen van Neleman online op www.neleman.org maar ook bij de Jumbo, de Hema en diverse wijnspeciaalzaken.

GEEN 18? GEEN ALCOHOL.

Beeld: Neleman/Getty Images