Ze hebben er lang over getwijfeld, dachten dat het totaal niets voor hun was. Maar gisteren hebben Dorien en Paul de knoop doorgehakt. "We zetten ons oude vertrouwde huis te koop en gaan richting de grote stad. Maar deze drastische beslissing is niet over een nacht ijs gegaan."

Dorien: "Het heeft niets te maken met geld, maar wel alles met ouder worden. We wonen al 30 jaar in een fijn huis in een klein dorp. Een twee-onder-een-kapwoning met een bescheiden tuin voor en een heel grote tuin achter. Een typisch jaren dertig huis met veel mooie details. We hebben elkaar leren kennen tijdens onze studie in de grote stad, woonden allebei op kamers en genoten van alle lusten die een grote stad te bieden heeft.

Blij om weer terug te zijn
Na ons trouwen hebben we toch maar een huis gekocht in een gezellig klein dorp. We waren allebei een beetje uitgekeken op de drukte van de stad en wilden graag kinderen. De kinderen kwamen er en wij genoten van het veilige dorpsleven. Eens in de zoveel tijd gingen we naar de stad en waren dan blij om weer terug te zijn in ons rustige dorp.

De kinderen zijn uitgevlogen
De kinderen zijn inmiddels uitgevlogen en het huis is toch wel heel erg groot geworden voor ons tweeën. Paul en ik zijn de 50 al enige jaren gepasseerd en hebben beiden gelukkig nog een fulltime baan. Wat vroeger heel gewoon was; het huishouden, het bijhouden van de tuin, de klusjes in en om het huis; we merken beiden dat dit steeds meer een last wordt. Niet lichamelijk, maar gewoon door de factor 'tijd'. Toen de kinderen nog thuis woonden, gebeurde dit soort dingen tussen de bedrijven door. Nu willen we graag weekenden weg of gezellig met vrienden en familie afspreken en leuke dingen doen, in plaats van hele dagen in de tuin werken of schilderen.

Lees ook: 'Ik ga op vakantie en neem elk jaar mee... Mijn moeder'

Verhuizen is best emotioneel
Ongeveer een jaar geleden waren we op visite bij goede vrienden, die een nieuwbouw appartement hadden gekocht in de stad. Alles nieuw en dus heel weinig onderhoud. 'Heel mooi, maar niets voor ons', zeiden we op de terugweg tegen elkaar. Maar hoe vaker we bij deze vrienden komen, hoe leuker we het gaan vinden. Ze wonen midden in de stad, hebben een splinternieuw huis met weinig onderhoud en géén tuin. Vooral dat laatste spreekt Paul heel erg aan. Maar verhuizen? Het woord verhuizen heeft voor mij best een emotionele betekenis. Ik wil eigenlijk niet weg uit het huis waar we zoveel hebben meegemaakt; het huis waar onze kinderen zijn opgegroeid. Maar aan de andere kant moet ik ook bekennen dat het onderhoud aan het huis ons soms allemaal te veel wordt en dat het gewoon veel te groot is geworden. In onze hoofden werd een hevige strijd gestreden tussen de voor- en nadelen van verhuizen.

De voordelen vochten zich gaandeweg naar boven
De doorslag werd gegeven door onze buren op leeftijd. Vorige maand kregen ze te horen dat ze geen auto meer mogen rijden om gezondheidsredenen. Dan realiseer je plotseling hoe beperkt je bent als je afhankelijk wordt van het dorp. Wij hebben één restaurant, één supermarkt en één keer per uur rijdt er een bus naar het dorpscentrum. Zelf ga ik elke week voor mijn grote boodschappen al naar de stad en alleen de vergeten boodschappen doe ik in het dorp. Als ik geen zin heb om te koken stappen we in de auto en rijden naar de stad om een leuk restaurant uit te zoeken.
Dit zouden we allemaal op de fiets kunnen doen als we in de stad zouden wonen. De voordelen van een verhuizing naar de grote stad vochten zich gaandeweg naar boven, terwijl de nadelen steeds meer naar de achtergrond werden geschoven.

Een en al enthousiasme!
Afgelopen zondag waren de kinderen bij ons op bezoek en hebben we onze plannen verteld. Een en al enthousiasme! Zij vinden ons dorp wel leuk, maar wonen nu zelf in de stad en zijn gewend aan de voordelen die het wonen daar biedt. En diep in hun hart is er misschien toch ook wel opluchting. Nu is het een uur rijden om bij ons op visite te komen. Ze hebben echter ook een druk leven met werk en kinderen, dus een spontaan bezoekje aan ons schiet er al snel bij in. Zo herkenbaar, zo waren Paul en ik ook toen wij jong waren (ik voel me opeens heel erg oud). De kogel is dus door de kerk! We gaan voor een appartement in de buurt van onze kinderen en hopen nog minstens twintig bruisende jaren te beleven in een even bruisende stad."

Dat een verjaardagscadeau niet helemaal in de roos kan zijn, weten we allemaal. Maar echt gekwetst worden door hetgeen je krijgt, gaat nog een stapje verder. Deze lezeres weet er alles van.

Sophie: "Vorige maand was ik jarig, 51 kaarsjes werden eruit geblazen. Mijn man en dochters waren al weken bezig met mijn verjaardag. Ik merkte dat aan kleine dingen, het gesprek viel stil als ik de kamer binnenkwam, te vaak werd er gevraagd wat ik wilde met mijn verjaardag en ik moest vrij nemen op De Dag."

Met vriendinnen naar New York
"Ik vond het allemaal heel erg overdreven. Vorig jaar was ik 50 geworden en dat had ik groots gevierd. Eigenlijk had ik het een week lang gevierd, het ene feestje na het andere. Met mijn gezin een weekend naar Berlijn, een gezellige avond thuis met mijn familie, een knalfeest in de tuin met vrienden en als afsluiting een shopweekend met mijn vriendinnen in New York. Dit jaar wilde ik het niet echt vieren, misschien een etentje met de familie maar meer niet."

Lees ook: 'De opdringerige verkoopster bitst dat ik ook geen achttien meer ben. En bedankt'

Tranen
"’s Ochtends op mijn verjaardag werd ik wakker en er waren felicitaties, meer niet. Het liep volgens plan, ze hadden zich gehouden aan mijn wens. Een rustige verjaardag - ik was me er niet van bewust dat, in mijn beleving, het ergste nog moest komen: na het heerlijke ontbijt op bed moest ik mee naar buiten om naar mijn cadeau te kijken. En wat stond daar in de tuin? Een elektrische fiets! Hoe kun je iemand krenken op zijn verjaardag? Ik voelde me meteen oud. Dit wilde ik echt niet. Een elektrische fiets was iets voor bejaarden. Ik mompelde nog net 'dank jullie wel', maar de tranen prikten in mijn ogen."

Zij waren wel enthousiast
"Ik wilde dit niet, ik wil jong zijn. Ik kreeg spontaan visioenen van 'op zondagmiddag met de bejaardensoos een fietstocht maken'. Ik merkte dat mijn man en mijn dochters heel enthousiast waren en het echt een mooi cadeau vonden. Nadat iedereen de deur uit was, kwamen als verrassing mijn vriendinnen op bezoek en bekeken mijn cadeau. De verhalen kwamen los, allemaal zeer positief, iedereen kende wel iemand met een elektrische fiets. Ik kon het niet voor me houden: ik vertelde hoe ik deze ochtend gereageerd had op het cadeau.
De fiets zou ik niet gaan gebruiken, het zou een mooie vulling worden in de garage. Mijn vriendinnen waren verbaasd, dit hadden ze niet van mij verwacht. Ik was toch altijd degene die overal voor openstond? Ik moest van hen 'voor straf' de fiets uitproberen."

Toegeven? Echt niet
"De eerste paar meters waren verschrikkelijk, ik had het idee dat iedereen naar me keek. Maar algauw kreeg ik er plezier in. Ik fietste, maar ook weer niet. Mijn voeten bewogen zonder inspanning en ik kwam vooruit. Ik voelde de wind in mijn haren en genoot van de buitenlucht. Toegeven wilde ik het niet, maar langzamerhand kwam het besef dat ik iets goed moest maken naar mijn gezin. Ik was heel erg ondankbaar geweest. Hoe moest ik dit goedmaken?
Nadat mijn vriendinnen al lang waren vertrokken, zat ik nog steeds met de vraag: hoe brei ik dit recht? Na lang zoeken op internet, had ik het gevonden. Ik boekte voor het hele gezin een fietsweekend en reserveerde meteen drie extra elektrische fietsen. Het werd een heerlijk weekend, genoten dat we hebben!

Ondertussen is dit een maand geleden en ik moet toegeven dat het allerlelijkste cadeau voor mijn verjaardag in deze korte tijd mijn allerbeste vriend is geworden. Ik raad het iedereen aan, en oud? Dat ben ik nog steeds niet. Je bent zo oud als je je voelt."

 

 

De laatste tijd heb ik het idee dat ik er niet meer bij hoor. Mijn vriendinnen gaan opeens zonder mij wandelen. Waarom? Ik heb geen hond….!

Het lijkt wel een trend die ik gewoon niet helemaal snap. Van mijn vriendinnengroep (we zijn met z’n zessen) hebben er vijf de afgelopen twee jaar een hond aangeschaft.

Betty was de eerste. Zij had samen met haar man besloten om een hond te nemen. Toen Roef arriveerde zijn wij met z’n allen op puppybezoek gegaan. De ooh’s en de aah’s hoorde ik van alle kanten en ik zag Ria en Joke helemaal smelten bij dit jonge geluk. Ik miste dat helemaal. Zag alleen maar grote nadelen: uitlaten, gebonden zijn, vakanties en al die haren. Niks voor mij. Ik ben blij dat de kinderen inmiddels zelfstandig zijn en ik nu samen met mijn man kan doen en laten wat we willen. Spontaan een weekendje weg? Geen probleem! Geen zin om te koken? We spreken lekker af in te stad. Geen verplichtingen om naar huis te gaan. Heerlijk!

Maar jullie snappen het al. Het duurde een paar maanden en Ria en Joke kregen ook ‘gezinsuitbreiding’. Wederom togen we op puppybezoek. Ik kreeg daar spontaan een flashback van hoe wij elkaar ooit hadden leren kennen. Onze vriendschap was ontstaan tijdens zwangerschapsgymnastiek. Allemaal tegelijk zwanger zijn en praten over onze kwaaltjes en nadien over de kinderen. Nu ging het gesprek uitsluitend over de honden. Is die van jou al zindelijk? Heb je de puppycursus al gevolgd? Als bonus kreeg ik een uitleg over de verzorging van het gebit van honden. Ik wist niet eens dat dit moest! Het versterkte alleen maar het gevoel dat ik al had. Een hond komt er bij mij niet in.

Ondertussen zijn er vijf honden en iedere zondag spreken mijn vriendinnen af om te gaan wandelen met de honden. Op zondag: Hallo! Ik ben met geen tien honden mijn bed uit te trekken en helemaal niet op zondag.

Lees ook: 'Mijn zoon is eraan toe om het huis uit te gaan... maar ik niet!'

Ondertussen ben ik nu wel de enige die geen hond heeft. Dat wil zeggen, die geen eigen hond heeft, want ik sta bekend als een goede hondenoppas en alle honden hebben wel al een keer bij ons gelogeerd. Het voelt een beetje als opa en oma zijn van de honden. Mijn man en ik vinden het heel leuk, maar zijn ook weer blij als zo’n logeerpartij voorbij is. We hebben wel de lusten, maar niet de lasten. Dit voelt heel goed en we missen geen ‘eigen hond’.

Ik mis echter wel mijn vriendinnen. Zij spreken iedere week af voor de ‘dogwalk’, maar hebben door hun drukke leven verder geen tijd of behoefte om op een ander tijdstip met mij af te spreken. Een vriendinnengroep is echter net een huwelijk: het is geven en nemen. Ik ga nu dus toegeven en sta zondagochtend ook op het verzamelpunt, wandel heerlijk mee en geniet van het contact met mijn vriendinnen. Ondertussen geniet ik stiekem ook van de honden! Niet doorvertellen hoor!