‘Ik ga niet vreemd, maar ik lieg evengoed'

Annelies hoort de complimenten van haar man niet meer en ziet op tv alleen de ­rimpelloze, jonge vrouwen. Vol afschuw staat ze voor de spiegel. Een vroegere vriendin is haar alibi voor haar afspraken bij een cosmetische kliniek. Eens móét dit stoppen, weet ze.

“Vorige maand was ik een lang weekend met een vriendin van vroeger naar Limburg. Tenminste, dat is wat mijn man dacht. Ik heb die vriendin al vaker als smoes opgevoerd, in werkelijkheid heb ik haar al in geen twintig jaar gezien."

"Maar mijn man vertrouwt me blind en koestert geen ­enkele argwaan. Toen ik hem aan het einde van het weekend belde om te zeggen dat ik er in mijn eentje nog een dagje winkelen aan vastplakte, en de dag erna pas ’s avonds laat zou thuiskomen, wenste hij me veel plezier. Ik kwam pas thuis toen het donker was. Ik had mijn gezicht nog de hele dag gekoeld met ijs uit de minibar van het hotel waar ik verbleef. Ik zag nog steeds een lichte zwelling rondom mijn lippen en wat rode vlekjes bij mijn ogen, daar waar de minuscule naald met fillers mijn huid was ingegaan. Maar ik had die zo goed mogelijk gecamoufleerd en ik ging ervan uit dat mijn man het niet zou ontdekken. Inderdaad, hij zag niets."

Hij draagt me op handen
"Hij spreidde zijn armen toen ik binnenkwam en ik dook weg in zijn om­­helzing. Terwijl ik zijn vertrouwde geur opsnoof, voelde ik me zo’n bedrieger. Ik ga weliswaar niet vreemd, maar ik lieg mijn man evengoed voor. Ik voelde me bovendien ontzettend ondankbaar. Mijn man draagt me op handen en maakt me nog geregeld complimenten over hoe mooi hij me vindt. Waarom kan ik daar niet gewoon tevreden mee zijn? Met mijn verstand weet ik dat ik niets te klagen heb. Ik ben gezond, mijn man en kinderen ook, we hebben een fijn huis en een goed leven. En toch... Er is iets wat mijn leven beïnvloedt, kapotmaakt – en hoe triviaal het voor een buiten­staander ook mag lijken: ik weet niet hoe ik het van me af kan zetten."

Het huis voelde leeg, mijn leven ook
"Elke ochtend als ik opsta, schrik ik van het beeld dat ik in de spiegel zie. Altijd hoop ik dat het mee zal vallen, maar steeds opnieuw is het alsof ik een mes in mijn buik voel kerven. Het overkwam me voor het eerst toen onze jongste net het huis uit was, anderhalf jaar geleden. We hadden hem geholpen met verhuizen, het waren erg drukke dagen geweest. Om ons te bedanken had hij ons mee uit eten genomen. Er was aardig wat wijn doorheen gegaan.
Ik had slecht geslapen, de eerste nacht zonder hem onder hetzelfde dak. Het huis voelde vreemd leeg, mijn leven ook. En toen ik me na het douchen wilde opmaken, schrok ik van mijn bleke, grauwe gezicht. Van alle lijnen die zich duidelijk aftekenden. Van mijn wallen, die zelfs een beetje blauw waren."

Lees ook: Nouveau's grote plastische chirurgie enquête: alle opmerkelijke resultaten lees je hier

Was ík dat oude mens?
"Natuurlijk, ik had mijn spiegelbeeld met de jaren ouder zien worden. Ik had het eerder betreurd. Maar nooit eerder raakte het me zoals nu. Ik zag een oude vrouw. Vergane glorie. Er overviel me een grote schaamte. De avond ervoor nog had ik grapjes met mijn man gemaakt, over de vrijheid die we weer hadden nu we alle onze kinderen goed de maatschappij hadden in geleid. We hadden de klus prima geklaard, vonden we zelfingenomen. Nu was het weer tijd voor ons. Maar voor wie eigenlijk? Ik herkende het gezicht in de spiegel amper. Was ík dat oude mens?"

Niet al te hoge dunk van mezelf
"Ik ben altijd tevreden geweest met mijn uiterlijk. Van kinds af kreeg ik bevestigd dat ik er leuk uitzag. Op de lagere school streden er al jongetjes om mijn hand, ­letterlijk; er zijn weleens vechtpartijtjes op het schoolplein geweest om mij. Ook in mijn puberteit kwam ik geen aandacht te kort. Omdat ik vrij verlegen was en een niet al te hoge dunk had van mezelf, haalde ik 
daar veel zelfvertrouwen uit. Zelf zag ik wel ­dingetjes aan mijn gezicht en lichaam die niet perfect waren, maar ik kon dat vrij makkelijk van me afzetten doordat ik wist dat anderen me knap noemden. Ik vond het fijn om complimentjes te krijgen. Om te merken dat vrouwen me bewonderden en dat mannen hun hoofd voor mij om­draaiden. Ik denk dat mijn innemende glimlach me vaak heeft geholpen, bij sollicitaties bijvoorbeeld, of als ik ergens een klacht over had."

Obers flirtten niet meer
"Natuurlijk draaide mijn leven om heel andere dingen dan hoe ik eruitzag. Ik trouwde, kreeg kinderen, was druk met hen, en of ze het goed deden op school. Dat waren de dingen die me echt gelukkig maakten. Toch liep mijn uiterlijk als een rode draad overal doorheen. Alleen al de positieve opmerkingen in winkels: ‘Jou staat alles, met dat lijntje van je, wat een plaatje ben je’, je went eraan en het is verslavend.
Die bewuste ochtend realiseerde ik me dat ik zulke complimenten al tijden niet meer had gekregen. Sinds de overgang was ik wat aangekomen. Ik verzorgde me nog altijd goed. Maar bouwvakkers riepen me nooit meer na. Obers flirtten niet meer met me. En dat knappe mannen van in de dertig standaard ‘u’ tegen mij zeiden, had ik tot dat moment nog wel grappig gevonden. Maar ineens besefte ik dat ik een deel van mijn identiteit kwijt was. En dat deed ontzettend pijn."

Mijn verzakte wangen
"Ik hoopte nog dat het een momentopname was, die bewuste ochtend. Maar het was alsof mijn ogen plotseling waren geopend. Ik kon niet in de spiegel kijken zonder me op al mijn rimpels en lijnen te focussen. Op mijn verzakte wangen. Mijn ingevallen hals. Ik maakte me zorgvuldiger op dan ooit – maar ik bleef ontevreden. En hoe meer ik erop lette, hoe duidelijker me werd dat ­mensen mij inderdaad niet meer zagen als de beauty die ik ooit was geweest. Het voelde alsof ik had afgedaan. Op tv zag ik alleen maar jonge mensen. Mooie, strakke vrouwen met nog geen enkel rimpeltje. Als een vrouw van tegen de vijftig nog mooi is, zeggen mensen er altijd bij ‘voor haar leeftijd.’ Vreselijk!"

'We worden ­allemaal een dagje ouder’
"Langzaam raakte ik meer en meer geobsedeerd. Ik probeerde erover te praten met mijn man. Hij vond het onzin. Ik was nog steeds prachtig, benadrukte hij. De mooiste vrouw die hij kende. ‘Maar we worden ­allemaal een dagje ouder,’ gaf hij toe. ‘Ik ben ook niet meer zo strak als toen.’ Woorden van troost, die bij mij alleen ­averechts ­werkten. Ik gaf nóg meer aandacht aan mijn uiterlijk. Hoe meer ik dat deed, hoe ­ontevredener ik werd. Omdat ik veel te kritisch werd, natuurlijk. Ergens besefte ik dat wel. Maar het was sterker dan mezelf. Telkens weer stond ik voor die ­spiegel. Soms urenlang. Ook als ik buiten de deur was. Op verjaardagen, waar ik altijd stralend had gezeten, sloop ik nu telkens naar het toilet om te controleren of mijn lippenstift niet in de lijntjes op mijn bovenlip was geraakt. Of mijn haar nog wel goed zat. Wat ik daar zag, kon mijn dag maken of breken. Was het licht goed, zacht, dan kwam ik er tevreden weer uit. Bij fel tl-licht wilde ik het liefst meteen naar huis."

Body Dysmorphic Disorder
"Ik heb BDD, weet ik inmiddels - Body Dysmorphic Disorder of ingebeelde lelijkheid; een vertekende lichaamsbeleving, gefocust op het ouder worden. Ik las erover op internet en herkende me er volledig in. Daardoor weet ik met mijn verstand dat het met mijn uiterlijk niet zo erg gesteld is als ik denk. Anderen zien mij niet als zo afschrikwekkend als ik mezelf zie. Toch kan ik het niet loslaten. Het beste zou zijn om in therapie te gaan. Maar dat is iets wat ik nu nog niet zie zitten. Ik weet dat de behandeling op acceptatie van het ouder worden gericht zal zijn; en dat kán ik nu gewoon nog niet. Ik hoop nog steeds dat er iets aan te doen is. Ik wil mijn oude zelfvertrouwen over mijn uiterlijk terug, klaar. Dan komt alles weer goed, zegt mijn gevoel."

Stiekem in een hotel
"Na eindeloos surfen langs cosmetische klinieken heb ik een afspraak gemaakt bij een goede arts. Ik heb niemand iets verteld, ook mijn man niet. Die eerste keer heb ik meteen wat botox laten inspuiten, de arts bezwoer dat niemand dat zou opmerken. Hij kreeg gelijk; maar ík zag het resultaat in de loop van de weken erna wel, ik begon er frisser uit te zien en dat was heerlijk. Ik ben nog een paar keer terug geweest, ook voor ­fillers. Daar was ik wat huiveriger voor, omdat je er blauwe plekjes en zwellingen van kunt krijgen. Zo is mijn vroegere ­vriendin uit Limburg weer in mijn leven gekomen. Ik ga zogenaamd naar haar toe, maar verblijf ondertussen in een hotel, tot er aan mijn gezicht niets meer te zien is."

Dit kan niet zo door blijven gaan
"Financieel is het vooralsnog geen probleem – we zitten niet krap en mijn man laat alle geldzaken aan mij over. De kans dat hij erachter komt, is minimaal. Toch kan dit zo niet door blijven gaan, dat besef ik heel goed. Mijn blije gevoel na een behandeling duurt telkens maar even. De verbeteringen zijn subtiel, eigenlijk is er een grotere ingreep nodig. Een facelift, bijvoorbeeld. Maar dat kan ik niet stiekem laten doen. En stel dat er iets misgaat! Diep in mijn hart weet ik dat ik nooit tevreden zal zijn, want zoals vroeger, word ik nooit meer. Ik moet op een andere manier aan mijn zelfvertrouwen gaan ­werken en het feit dat ik mijn schoonheid verlies een plek geven. Maar hoe? Ik zie het werkelijk niet voor me.”  

De namen in dit artikel zijn gefingeerd.